De CO2-uitstoot van je verwarming verminderen? Ga voor een warmtepomp!

De CO2-uitstoot van je verwarming verminderen met een warmtepomp

Als we de klimaatakkoorden van Parijs willen naleven, mogen we tegen 2050 geen CO2 meer uitstoten. De meeste woningen verwarmen we echter met gas of mazout, en die stoten duidelijk wel CO2 uit. Op termijn zullen we dus moeten overschakelen naar koolstofvrije energiebronnen, zoals een warmtepomp.

Warmtepomp

De klassieke elektrische verwarming (directe, vloerverwarming of accumulatoren) verbruikt een kilowattuur elektriciteit voor elke kilowattuur warmte die ze opwekt. Als we daar massaal voor zouden kiezen, komen we nooit toe met de stroom die we opwekken.

Een warmtepomp is veel efficiënter. Met elke kilowattuur elektriciteit kan een goede warmtepomp drie tot zes kilowattuur warmte van een bron buitenshuis naar binnen pompen. Die warmtebron kan de buitenlucht zijn, maar ook de bodem via een diepteboring.

Eerst isoleren

Er is echter een ‘maar’: betaalbare warmtepompen hebben een beperkte capaciteit. In een slecht geïsoleerde woning heb je er weinig aan. Wil je een warmtepomp plaatsen, dan zal je dus eerst naar je huis moeten kijken. Is je huis namelijk wel voldoende geïsoleerd?

Je woning energiezuinig maken is altijd een goede keuze. Tegen 2050 moeten immers alle woningen in Europa goed geïsoleerd zijn. Extra isolatie zorgt dus mee voor de waardevastheid van je woning op langere termijn.

LEES OOK > Energielabel A voor elke woning tegen 2050

Warmtenet

Een warmtenet is een waardig alternatief, maar die zijn momenteel nog niet beschikbaar. In je straat liggen nu al heel wat nutsleidingen: gas, elektriciteit, televisie, telefoon, water, … Op rendabele plaatsen zal daar in de toekomst een warmtenet bijkomen: een dikke, goed geïsoleerde buis waar warm water door stroomt.

Heb je een warmtenet in de straat, dan kan je daarop aansluiten en dat warme water door je radiatoren laten stromen. Ook kan je met een warmtepompboiler warm water uit datzelfde net halen.

Warmtenet in dichtbevolkte gebieden

Warmtenetten zijn rendabel op plaatsen waar de woningen dicht genoeg bij elkaar staan: in steden en dorpskernen is dat geen probleem.

De warmte komt van bedrijven. Het gaat om warmte die anders verloren zou gaan: proceswarmte, koeling van datacenters, afvalverbranding, brouwerijresten, …

Waar geen bedrijven in de buurt staan kan een warmtekrachtcentrale warmte opwekken en tegelijk stroom leveren. Of een grote warmtepomp haalt warmte uit rioolwater of een rivier.

Warmtekaart

De komende jaren bestuderen de Vlaamse overheid en lokale besturen alle mogelijkheden. Dat moet leiden tot een warmtekaart, die aangeeft waar op termijn warmtenetten zullen komen. De kaart is op dit moment nog heel ruw, maar zal in de toekomst verfijnd worden. Meer hierover lees je op energiesparen.be/warmtekaart.

Warmtepomp of warmtenet?

Bij een slecht geïsoleerde woning heb je altijd verwarming op hoge temperatuur nodig. Dat wordt in de toekomst moeilijk. Extra isoleren is altijd de betere optie.

Is je woning goed geïsoleerd, dan ga je kijken naar de warmtekaart. Komt er in de (nabije) toekomst een warmtenet in je straat, dan behoud je je huidige verwarming, of kies je ondertussen voor een goedkope gascondensatieketel.

Komt er geen warmtenet, dan moet je op zoek naar een individuele oplossing. In een goed geïsoleerde woning is een warmtepomp zeker een mogelijkheid.

LEES OOK > Vraag & antwoord: kunnen we ons water verwarmen met zonne-energie?

Soorten warmtepompen

Een lucht-luchtwarmtepomp is het goedkoopst. Ze verwarmt echter via warme lucht, en dat vindt niet iedereen comfortabel.

Lucht-water is een betaalbaar alternatief, dat je kan aansluiten op vloerverwarming, grote radiatoren of lage-temperatuurconvectoren.

Warmtepomp voor lagere CO2-uitstoot

Wil je het hoogste rendement, dan kies je voor een bodem-waterwarmtepomp. Je hebt dan wel een grote tuin nodig om een horizontaal buizennetwerk te plaatsen als bron.

Bij een kleine tuin kan je ook een verticale boring laten uitvoeren. Dat levert een hoog rendement, maar vraagt een grote investering. Voor een bodem-waterwarmtepomp krijg je wel de hoogste premie.

Heb je geen gas in de straat, of plaats je de warmtepomp ter vervanging van een klassieke elektrische verwarming, dan verdubbelt die premie zelfs.

Pelletketel in afgelegen gebieden

Woon je afgelegen, dan kan een pelletketel een goed alternatief bieden. Je verwarmt dan met biomassa: pellets zijn geperst zaagsel, afval van houtverwerking. Als de gekapte bomen worden vervangen door nieuwe aanplant, dan zijn ze CO2-neutraal.

Kies bij voorkeur pellets van lokaal hout, met het DIN-label EN Plus A1. De pellets die je met korting op je spaarkaart bij Ecopower kan kopen, voldoen hieraan.

Pellets zijn dan wel klimaatvriendelijk, de verbranding ervan stoot nog steeds fijn stof uit, weliswaar tienmaal minder dan een open haard of vuurkorf met houtblokken.

In dichtbebouwde gebieden raden we dit dan ook niet aan. Je kan wel een fijnstoffilter in je schouw laten installeren waarmee je de uitstoot met 90 procent vermindert.

Dit artikel verscheen in februari 2020 in De Bond, het ledenblad van de Gezinsbond. De Bond kan ook bij jou (gratis!) in de bus vallen. Het enige wat je hoeft te doen, is lid worden. Nieuwtjes en activiteiten van de Gezinsbond meevolgen kan ook via Facebook, Twitter en Instagram.

Gepubliceerd op: 23/03/2020

Tags: , , , ,