Dat kinderen geld kosten, is geen nieuws. Om hetzelfde ‘welvaartsniveau’ te kunnen behouden als een gezin zonder kinderen, heeft een gezin met kinderen per kind ongeveer 22 procent extra inkomen nodig. Dat is voor de Gezinsbond de minimumkost van een kind. De werkelijke kosten liggen natuurlijk veel hoger: onderwijs, kinderopvang en alle andere kosten specifiek voor het kind zijn niet meegeteld én gezinnen geven meer uit aan hun kinderen naarmate hun inkomen hoger is.

De Gezinsbond indexeert elke maand de minimumkost van een kind, om de evolutie van de opvoedingskosten van kinderen in kaart te brengen. De Gezinsbond gebruikt deze cijfers om het Groeipakket en de vroegere kinderbijslagen te evalueren.

500 euro per kind

In 2019 is die gemiddelde minimumkost voor een kind tussen zijn geboorte en zijn 25ste verjaardag voor het eerst over de grens van 500 euro gegaan. Dat betekent dat een gezin met kinderen gemiddeld voor elk kind elke maand minimaal 500 euro extra moet verdienen om dezelfde levenstandaard te behouden als gezinnen met hetzelfde inkomen maar zonder kinderen.

Om de minimumkosten te berekenen, vertrekt de Gezinsbond van een basisgezinsinkomen van 2.307 euro, wat ongeveer overeenstemt met de armoederisicodrempel van een gezin met twee kinderen. Daarom spreekt de Gezinsbond over minimumkosten.

Stijgende leeftijd, stijgende kosten

Het ‘goede’ nieuws is dat een kind niet op elke leeftijd evenveel kost.

Hoeveel kost een kind*…

– jonger dan 6 jaar = 342 euro

– tussen 6 en 12= 442 euro

– tussen 12 en 18 jaar = 542 euro

– tussen 18 en 24 jaar = 651 euro

Van geboorte tot de 25ste verjaardag betekent dit een gemiddelde kost van 501 euro.

(* cijfers van 1 juli 2019. Voor de meest recente cijfers, klik hier)

Waarom stijgt die kost?

De minimumkost stijgt met de leeftijd van het kind. Een ouder kind eet meer, heeft duurdere hobby’s en meestal ook duurdere kleren.

De minimumkost stijgt meestal ook iedere maand omdat de producten en diensten die kinderen nodig hebben, in prijs stijgen. Daarom indexeert de Gezinsbond zijn cijfers iedere maand aan de hand van de gewone consumptieprijzenindex.

Sommige maanden daalt de consumptieprijsindex, maar dat is meestal maar tijdelijk. Die maanden daalt onze minimumkost dus ook.

Werkelijke kost

Waarom berekent de Gezinsbond de minimumkost en niet de werkelijke kost? De reden is eenvoudig: de werkelijke kost van een kind verschilt van gezin tot gezin. Wie meer verdient, geeft meestal meer uit. Of toch in bedrag, maar niet noodzakelijk in verhouding tot het volledige gezinsinkomen.

Andere verschillen zijn bijvoorbeeld de mate waarin kinderopvang wordt gebruikt, of de kinderopvang een tarief naar inkomen gebruikt. Volgens een recent onderzoek van Kind & Gezin betalen Vlaamse ouders in de inkomensgerelateerde kinderopvang (IKG) een dagtarief van gemiddeld 14,16 euro. De kost voor kinderopvang is voor een gemiddeld gezin voor een hele week opvang zo 311,52 euro per maand.

Wie geen IKG-crèche heeft, betaalt echter meer, wie binnen de IKG een sociaal tarief geniet, betaalt dan weer minder.

Schoolkosten

Ook als de kinderen naar school gaan, schommelen de werkelijke kosten sterk. In het basisonderwijs valt het allemaal nogal mee: gemiddeld ongeveer 32 euro per maand. Warme middagmaaltijden en buitenschoolse opvang kunnen de maandelijkse factuur nog opdrijven.

Secundair onderwijs kost al een stuk meer: van 103 euro per maand in het Algemeen Secundair Onderwijs tot 119 euro in het Kunstonderwijs. Echt duur wordt het pas als jongeren na hun achttien verder studeren. Een kotstudent die een master volgt, kost al snel meer dan 650 euro per maand. En dan hebben we het nog niet gehad over hobby’s en medische kosten…

De minimumkost is dus lager dan wat een kind echt minimaal kost.

Lees meer over kosten voor school:

Hoeveel kost de kleuterschool?

Hoeveel kost de lagere school?

Hoe duur is het middelbaar?

10 kosten om mee rekening te houden als je kind op Erasmus gaat

Tags: , , , ,