Naar aanleiding van het overlijden van Paula Sémer diepten we een artikel op uit onze archieven. In 2015 spraken we met haar over haar rol als leading lady van televisie en in de emancipatie van Vlaanderen.

Paula Sémer (°1925) volgde normaalschool en toneel aan het conservatorium. In 1944 ging ze aan de slag bij het Nationaal Instituut voor de Radio-omroep (NIR) als presentatrice en actrice in hoorspelen. Televisie bestond nog niet, maar directeur-generaal Jan Boon duidde in 1950 binnen de radio drie mensen aan die bij BBC moesten gaan bestuderen hoe ze televisie maakten.

Het waren Bert Jansen (hoorspelregisseur), Nic Bal (redactie-secretaris bij de nieuwsdienst) en Rik Van den Abbeele (nieuwsdienstredacteur). ‘Dat waren de échte pioniers van televisie’, zegt Paula Sémer.

‘Bert Jansen moest voor de start van televisie in België ook een soort theaterstuk regisseren om op de openingsavond uit te zenden. Ik werd gevraagd voor een van de hoofdrollen. Drie dozijn rode rozen was de hoofdschotel van die feestelijke eerste avond op antenne. Ook Panorama stond toen al geprogrammeerd.’

Leading lady

Paula Sémer werd leading lady van het nieuwe fenomeen televisie, maar vond dat geen promotie. ‘De radio had een hoge status’, vertelt ze, ‘en als je voor de radio werkte, deelde je in die waardering van het publiek. We waren vedetten. En toen ineens kwam daar een “huisbioscoop”. Een modeverschijnsel dachten wij en met ons de intellectuelen in Vlaanderen die niet hoog opliepen met de komst van televisie. Ik heb teksten teruggevonden over een congres van psychiaters en psychologen in de VS uit die tijd. Daar werd gezegd: “Televisie zal mensen doen leven als dieren. Ze zullen niet meer kunnen lezen of schrijven.” En naar dat medium werd ik overgeheveld …’

‘Wij dachten dat televisie een voorbijgaand modeverschijnsel zou zijn’

Na de eerste uitzending stond in de krant ‘grote televisiebelofte ontdekt’. ‘Dat zal de weerman zijn, dacht ik’, lacht Paula, ‘maar het ging over mij. Ik moest op televisie de glitter en glamour vertegenwoordigen. Daar was ik van nature niet mee bezig maar de vrouw van directeur-generaal Boon heeft me geïntroduceerd in chique modezaken. Ik moest de Vlamingen van hun complexen afhelpen.’

Als Paula Sémer nu wordt gevraagd in programma’s die terugblikken op de geschiedenis van televisie en op haar carrière, komen steevast de uitzendingen over seksualiteit aan bod. ‘Terwijl ik zoveel andere dingen heb gedaan’, zegt ze.

Vlaanderen was in volle emancipatie

‘Men zegt me dat ik revolutionaire televisie maakte, maar ik was me daar toen niet van bewust. Regelmatig spreken vrouwen me er nog over aan. “We zaten destijds met mama en de zussen voor televisie naar jouw programma te kijken en jij gaf ons het gevoel: wij vrouwen zijn toch belangrijk”. Vlaanderen was in volle emancipatie. Wij speelden daarop in, met allerlei maatschappelijke thema’s.

Aanvankelijk was ik alleen omroepster, op het producerswerk heb ik lang moeten wachten en heb ik voor moeten vechten. Dààr op de BRT ben ik feministe geworden. Gelukkig kwam ik uit een familie van sterke vrouwen en had ik goede voorbeelden.

Programma’s maken was mijn droom. Jaren ervoor al reisde ik Vlaanderen rond voor vertelavonden rond Vlaamse literatuur die ik samen met mijn man verzorgde, voor het ministerie van Cultuur. Ik praatte in alle uithoeken met mensen, hoorde wat hen bezighield en maakte daar een lijst van. Ik voelde me verantwoordelijk, wilde daar iets mee doen op televisie. Wat ik vanaf eind de jaren vijftig ook ben gaan doen.’

In Memoriam: televisiepionier Paula SémerEducatie ‘met het vingertje’

‘Een van de heikele aangelegenheden in gezinnen toen, was geboortespreiding en -beperking. Jan Materne kende een psychiater-seksuoloog. Wij wisten niet eens dat dat bestond. We nodigden die man – een Nederlander – uit naar mijn vrouwenuitzending. De decoratrice had een prieeltje gemaakt met een cupidootje. Allemaal heel braaf.

Maar nu moet je juist een psychiater vragen om over seksualiteit te praten. Alsof het om een mentale ziekte ging. Die man begon met de indeling van perversiteiten. Ik dacht: “o jee”.

En ook het woord homoseksualiteit viel. Het was 1964, je kan je nu nog moeilijk voorstellen in welke taboesfeer dat onderwerp toen zat. Zeker op het platteland, want de kloof met de stad – waar alles wat in de wereld aan het veranderen was en de emancipatorische gedachte wel al doorgedrongen waren – was groot. Sommigen vonden onze uitzendingen te braaf, maar voor mensen op het platteland voor wie de kerk de grote leidraad was, kwam het als een schok.

Soms denk ik: “ik had het niet op die manier mogen doen”, het was niet mijn bedoeling om mensen te schofferen. Maar hoe het dan wel had gemoeten weet ik niet. Als je nu de uitzending terugziet met Jaap Kruithof, de toen zo verguisde moraalfilosoof, denk je: “wat was dat voor een puritein?” Maar in die tijd ging het dus voor velen te ver. Hij had het ook over seksualiteit vóór het huwelijk. Niemand die daar nu nog van opkijkt, toen was het onbespreekbaar.

‘Elke generatie maakt televisie op zijn manier. Zoals wij het deden, dat is geschiedenis’

De beheerraad van de BRT had het charter overgenomen van de BBC. Programmamakers hadden als opdracht: informeren, eduqueren en amuseren. Informeren en “opvoeden” was wat ik wilde doen. Ik werd met mijn vrouwenuitzendingen Penelope toegewezen aan de dienst Varia. Later werd dat “artistieke en educatieve uitzendingen”. Wij moesten Vlaanderen opvoeden, en we waren ook vreselijk educatief.

Onlangs zag ik een uitzending terug van Penelope, met Hugo Claus. “De Vlaamse vrouw moet dit en moet dat …” Ik dacht “maar Hugo toch”. Zelfs het godje van Vlaanderen zat daar educatief te doen en had het over “de Nieuwstraat waar vrouwen lopen met blote schouders en korte jurken”.

Hedendaagse uitzendingen zijn ook educatief als ze de wereld en wat daar leeft in de huiskamer brengen, maar het is minder met “het vingertje”. We deden het zo goed mogelijk en met de beste bedoelingen, maar het is geschiedenis.’

LEES OOK > Met je tiener praten over seks? Flo Windey weet raad

Haatbrieven en levensbedreidingen

Wat je kan tonen op televisie en wat niet, was ook meer dan een halve eeuw geleden al een vraag die programmamakers bezighield. ‘Je wil televisie maken die de mensen aanspreekt, maar er is ook nog het belang van wie in beeld komt’, zegt Paula Sémer.

‘Neem de uitzending over vrouwenmishandeling. Ik hoorde zoveel verhalen, maar dacht voortdurend: dat mogen we niet brengen, we moeten die vrouwen tegen zichzelf beschermen, die man mogen we niet te kijk zetten, … Mijn medewerkster wees erop dat we wel televisie moesten maken. En ze had gelijk, je moet die terughoudendheid voor een stuk laten varen als je voor dat medium werkt. In een uitzending over homoseksualiteit had ik twee holebikoppels uitgenodigd. Een van die vrouwen werd de volgende dag op haar werk met ontslag bedreigd. Daar lag ik wel van wakker.

Sommige reacties – die wij of onze gasten kregen – kwamen hard aan. De psychiater uit mijn vrouwenuitzendingen is ermee gestopt toen hij de vele haatbrieven zag. “Er zijn meer zieke mensen in Vlaanderen dan ik dacht”, zei hij.

Vooral bepaalde lobbygroepen speelden het erg hard en die hadden grote invloed op onze bazen. Ik heb een tijdlang het publiek gehaat. Ik kreeg levensbedreigingen, er werd op mijn ontslag aangedrongen.

Een periode ben ik door een bode naar de tram gebracht als ik ‘s avonds laat moest werken. Ze stonden me op te wachten met vitriool: “we maken je blind”. Dat deel van het verhaal wordt nu vaak vergeten. Ook van vrouwenorganisaties kreeg ik haatbrieven. Ik heb daar onder geleden. Maar ik deed wat ik dacht dat ik moest doen.

En ik had een groep mensen rond me, uit de televisiewereld, die een klankbord vormden. Bij hen toetste ik mijn ideeën voor mijn programma’s af. Er was professor Thierry, dé man op vlak van contraceptie, uit Gent. Die zei: “we moeten de vrouwen helpen.” En dat sterkte me in mijn taboedoorbrekende televisie. Ook Maria Rosseels was voor mij een belangrijke adviseur.’

Sturm Der Liebe

‘Neen huidige televisiemakers komen mij niet om raad vragen’, zegt Paula, ‘en dat hoeft ook niet. Mijn baas zei altijd als er jonge televisiemakers op de BRT begonnen: laat hen maar het wiel terug uitvinden. En zo is dat. Elke generatie doet het op zijn manier. Ik zou ook geen raad KUNNEN geven, zoals wij het deden dat is voorbij.

En ik vind dat de huidige generatie het schitterend doet. Een samenleving krijgt ook de televisie die ze waard is. In een dictatuur heb je gecensureerde televisie. In België merk je aan de televisie dat we een open maatschappij hebben. Je kan er denken en zeggen wat je wil. Ik vind dat mensen zich daar niet genoeg van bewust zijn. Ik heb de tijd gekend dat je als je dingen zei of deed die de doorsnee Vlaming niet aanstonden, je job kon verliezen. Gelukkig is dat nu anders.’

Paula Sémer is nog altijd een gretige televisiekijker. ‘Nu de mobiliteit sterk verminderd is, is dat een welgekomen tijdsbesteding’, zegt ze. Wat ze dan zo allemaal bekijkt levert een verrassend antwoord. ‘Soaps, met Sturm Der Liebe als grote favoriet. Maar ook Thuis volg ik met aandacht. Dan zit ik als een oude tante kritiek te geven op de actrices en komt mijn academietijd weer opborrelen toen we leerden om onze “stem te plaatsen”. “Ja meisje, je stem is niet goed geplaatst hé” denk ik dan.

Mocht ik vijftig jaar jonger zijn, dan zou ik graag het soort televisie maken die Phara en Arnout (Hauben) brengen. Geen grote theorieën, maar de verhalen over wat gewone mensen meemaken en bezighoudt.’

Foto: Jasper Jacobs

Dit artikel verscheen in februari 2015 in De Bond, het ledenblad van de Gezinsbond. De Bond kan ook bij jou (gratis!) in de bus vallen. Het enige wat je hoeft te doen, is lid worden. Nieuwtjes en activiteiten van de Gezinsbond meevolgen kan ook via FacebookTwitter en Instagram.

Gepubliceerd op: 09/06/2021, laatste update op: 16/06/2021

Tags: