Grootouders hebben duidelijk te horen gekregen dat ze de social distance moeten respecteren – ook binnen de familie. En dat lukt. Maar dat betekent niet dat ze de kleinkinderen niet horen of zien. Dat blijkt uit onze tweede enquête over de impact van de coronacrisis op ons gezinsleven.

Twee derde van de grootouders ziet of hoort de kinderen of kleinkinderen regelmatig (6 op de 10 respondenten), en 15% heeft zelfs dagelijks met hen contact. Dat gebeurt vooral met behulp van sociale media en de telefoon.

Leve de sociale media?

De meerderheid van de grootouders vindt de sociale media dan ook een meerwaarde. Het contact met de familie via sociale media is naar ons aanvoelen sterk toegenomen.

Voor de coronacrisis waren het vermoedelijk vooral de grootouders die ver van kleinkinderen woonden die op die manier contact hielden. Nu doen ze dat ook als ze dichterbij wonen.

Ook al zijn er frequente contacten, toch zegt bijna één op de vier dat hun kleinkinderen nog te jong zijn voor sociale media. Er is dan vermoedelijk contact met de ouders van de kleinkinderen waarin de kleinkinderen zelf eerder “figureren” op de achtergrond of getoond worden terwijl ze hun ding doen (spelen, slapen, leren kruipen…)

Volgens 22% van de respondenten vinden de kleinkinderen het niet leuk om contact te hebben via sociale media, en 16% noemt de contacten oppervlakkig.

Anderhalvemeteren

Het is toch leuker om elkaar ‘in het echt’ te zien, al is het maar voor even. Heel wat gezinnen en grootouders gaan dan ook geregeld bij elkaar langs voor een zwaaibezoekje. Zowat 6 op de 10 ziet de kleinkinderen nog in levende lijve – zij het van een afstandje.

16% van de respondenten heeft een kleinkind tussen 0 en 3 jaar gezien zonder die afstand aan te houden. Vermoedelijk gaat het in die gevallen over grootouders die instaan voor de opvang. Dat is in bepaalde omstandigheden toegelaten.

Tieners van de radar

Hoe jonger de kinderen, hoe vaker er contact is: tussen 0 en 12 jaar is er meer contact dan boven 12 jaar. Ook met baby’s en peuters hebben grootouders frequent contact. Bij jonge kinderen zijn het de grootouders zelf en de ouders die de contacten faciliteren. Tieners zijn zelfstandiger en moeten het initiatief eerder zelf nemen.

Uit eerder onderzoek bij grootouders weten we dat de contacten tussen grootouders en kleinkinderen inderdaad afnemen naarmate de kinderen ouder worden, maar dat de grootouders wel moeite doen om de band te blijven aanhalen.

In deze coronatijden lijken ze daar minder goed in te slagen. Familiefeesten en “komen eten bij de grootouders” spelen normaal gezien een belangrijke rol om de contacten tussen de verschillende generaties in stand te houden, en dat is nu allemaal weggevallen.

Ik mis je

Uiteraard worden de kleinkinderen heel hard gemist door de grootouders. Met de stelling ‘Ik mis mijn kleinkind(eren)’ ging 90 procent van de bevraagde grootouders akkoord. Het gemis van de kleinkinderen weegt trouwens maar een klein beetje zwaarder dan dat van de kinderen.

Verrassend genoeg heeft de coronacrisis in sommige families ook een versterkend effect op de familiebanden: een op de vier grootouders praat nu meer met de kinderen dan voor de crisis, en 15% hoort de kleinkinderen vaker.

Enquête

Behalve de impact van de corona-maatregelen op de relatie tussen grootouders en kleinkinderen peilden we in onze enquête ook naar de relaties binnen het gezin, naar het schoolwerk en naar de combinatie werk/gezin.

Lees ook ons dossier over je gezinsleven tijdens de coronacrisis.

Volg de Gezinsbond ook op Facebook, Twitter en Instagram om op de hoogte te blijven van nieuwtjes en activiteiten.

Gepubliceerd op: 08/05/2020, laatste update op: 27/05/2020

Tags: ,