De Gezinsbond is van bij het begin betrokken bij de hervorming van de Vlaamse kinderbijslag. Met ons lobbywerk hebben we nog heel wat kunnen aanpassen, zodat bestaande gezinnen met meerdere kinderen er niet op achteruit gaan.

Wat was de invloed van de Gezinsbond op de hervorming van de kinderbijslagregeling, nu bekend als Groeipakket? We zetten de verwezenlijkingen op een rijtje.

1) Nieuwe bedragen voor kinderen geboren vanaf 2019

In eerste instantie wilde de Vlaamse regering alle kinderen, geboren voor of na 2019, hetzelfde basisbedrag (vroeger: kinderbijslag) geven. We sloegen aan het rekenen en maakten simulaties met verschillende bedragen. Toen al bleek dat gezinnen vanaf twee kinderen er op achteruit zouden gaan, zodra één van de kinderen ouder was dan 12 jaar. Vooral gezinnen met drie of meer kinderen zouden dan fors moeten inleveren.

Na veel lobbyen hebben we verkregen dat de nieuwe regeling uitsluitend geldt voor kinderen geboren vanaf 2019. Op die manier blijven de rangregeling en de leeftijdsbijslagen voor kinderen geboren voor 2019 bestaan. Voor ouders met twee kinderen of meer maakt dit een groot verschil uitmaakt.

We konden echter niet voorkomen dat combigezinnen, gezinnen met kinderen in het oude en nieuwe systeem, minder kinderbijslag krijgen dan als ze hun kinderbijslag in één regeling zouden krijgen. Voor hen blijven we ijveren voor een compensatie.

> Gezinsbond berekent impact van basisbedrag op combinatiegezinnen

2) Behoud van de oude bedragen voor maximaal 25 jaar

Voor ons was het niet alleen belangrijk dat de bedragen van de ‘oude’ kinderbijslag bleven voor wie geboren werd in het oude systeem, maar ook dat deze behouden worden tot het kind 25 jaar is. Op die manier wordt vermeden dat de bedragen toch nog zouden aangepast worden binnen enkele jaren en gezinnen de de hogere basiskinderbijslag naargelang de rang (het bedrag stijgt naarmate het aantal kinderen in het gezin toeneemt) en de leeftijdsbijslag (op 6,12 en 18 jaar) zouden moeten inleveren.

Wij blijven er over waken dat de Vlaamse regering in de toekomst haar woord niet verbreekt.

3) Basisbedrag als recht van het kind

Een ander strijdpunt was dat het basisbedrag een recht voor élk kind zou zijn, ongeacht het beroep van de ouders. Dat is al jaren een zeer belangrijke eis van de Gezinsbond, die eindelijk is ingewilligd.

Het basisbedrag is en blijft onafhankelijk van het gezinsinkomen.

4) Voldoende hoog basisbedrag (om te beginnen)

Het basisbedrag (163,20 euro in 2019) is gelijk voor elk kind geboren vanaf 2019. We zijn tevreden met dat bedrag omdat het ongeveer de helft van de minimumkost van een kind tot 6 jaar dekt. Op termijn moet dat basisbedrag echter voor ons omhoog: als kinderen groter worden, stijgen ook de kosten.

5) Extra’s voor kinderen in armoede

De Gezinsbond wil meer aandacht voor gezinnen en kinderen in armoede. Met de ‘Kinderen in Armoede’-toeslag (of sociale toeslag) krijgt élk gezin met een bruto belastbaar jaarinkomen van minder dan 30.984 euro een extraatje. Ook de gezinnen met een laag arbeidsinkomen.

Tot eind 2018 kregen uitsluitend bepaalde sociale groepen een sociale toeslag, tenminste als ze een laag inkomen hadden.

5) Sociale toeslag voor grote gezinnen met een middenklasse-inkomen

Vanaf drie kinderen of meer, van wie minstens één geboren vanaf 2019, krijgen gezinnen ook een sociale toeslag, op voorwaarde dat hun bruto belastbaar inkomen lager is dan 61.200 euro per jaar.

6) Hulp voor kinderen met een beperking

De verhoogde kinderbijslag voor kinderen met een beperking blijft. Dit deel van het Groeipakket heet voortaan zorgtoeslag. We blijven aandringen dat deze zorgtoeslag voortaan automatisch wordt toegekend en dat de huidige lange wachtlijsten voor medische onderzoeken verdwijnen.

7) Schooltoelagen voortaan automatisch toegekend

De schooltoelagen voor basis- en secundair onderwijs blijven bestaan, maar worden vanaf schooljaar 2019-2020 eindelijk automatisch toegekend. Deze tussenkomst (afhankelijk van het inkomen en de aanwezigheid op school) in de schoolkosten worden geïntegreerd in het Groeipakket en heet voortaan schooltoeslag.

De gemiddelde bedragen van de schooltoeslagen zullen ook hoger zijn dan vroeger. De schoolbonus (voor elk kind bij elk schooljaar) en schooltoeslag (afhankelijk van het inkomen en aanwezigheid) maken ook deel uit van het Groeipakket.

Voor kleuters is er zelfs een extra kleutertoeslag van 132,60 euro per jaar bijgekomen en dit voor elke kleuter van 3 en 4 jaar. Deze kleutertoeslag is onafhankelijk van het gezinsinkomen maar wordt enkel uitbetaald op voorwaarde dat het kind voldoende dagen aanwezig was op school.

Over het algemeen is de Gezinsbond tevreden met de maatregelen in het Groeipakket en met wat we uit de brand hebben kunnen slepen. Maar niets is perfect. Met de overgang naar een nieuw systeem, zijn er ook gezinnen die uit de boot vallen, zoals de meeste combigezinnen en de gezinnen met één kind, geboren voor 2019. Voor hen blijven we lobbyen.

Help ons de belangen van de gezinnen te blijven verdedigen! Dat kan door lid te worden van de Gezinsbond, door simpelweg hier te klikken. Waar de de Gezinsbond voor staat en voor gaat, lees je hier.

> Lees hier welke vijf maatregelen het Groeipakket nog beter zouden maken
> Wat is de impact van het nieuwe basisbedrag voor combinatiegezinnen?

Tags: , , , , , ,