bool(false)

Kinderen varen wel bij voorspelbaarheid en vaste routines, maar ook zij krijgen te maken met verandering. Een nieuwe gewoonte, de overstap van opvang naar school of een vriendje dat verhuist: niets blijft voor altijd hetzelfde.

Voor het ene kind is dit gemakkelijker dan voor het andere, maar sowieso is het een aanpassing. Als ouder kan je je kind leren omgaan met verandering met deze tips. Deze bieden een basis om op te werken. Afhankelijk van het kind en/of de situatie, zijn ook andere maatregelen nodig.

1) Bereid je kind voor

Als het om een geplande verandering gaat, kan je je kind op tijd beginnen voorbereiden op de verandering. Vertel daarbij wat er gaat gebeuren, met wie, wanneer en ook waarom. Voor kleine kinderen hou je het eenvoudig, oudere kinderen kan je iets meer details geven. Probeer hun vragen ook zo eerlijk mogelijk te beantwoorden.

2) Probeer andere zaken hetzelfde te houden

Idealiter gaat een grote verandering (zoals naar school gaan) niet samen met andere aanpassingen, zoals een eigen kamer of een groot bed. Al kan het natuurlijk soms niet anders: een geboorte laat zich moeilijk plannen. Dan komt het nog meer aan op duidelijkheid en voorspelbaarheid.

3) Laat de emoties zijn

Sommige veranderingen zijn leuk, maar soms wekt het onzekerheid op. Verandering is het vertrouwde loslaten en iets nieuws omarmen. Sommige kinderen reageren dan ook opstandig, vermijdend of angstig. Hoe extremer en negatiever de emotie, hoe moeilijk voor ouders om te reageren. Beste is dat je de emotie aanvaardt en laat zijn, zonder dat ze schade toebrengt aan anderen. Eventueel kan je met je kind op zoek gaan naar manieren om angst, weerstand en verdriet aan te pakken, ook als de verandering achter de rug is.

4) Gebruik neutrale woorden

We zijn er ons niet altijd van bewust, maar sommige sterke reacties worden opgewekt doordat de verandering te veel wordt benadrukt. Hierdoor kan er angst worden aangepraat (‘op de grote school moét je stilzitten en zwijgen’).

Probeer daarom te praten over de verandering zonder het belang ervan te minimaliseren of net te overdrijven. Wees op met woorden als ‘nooit’, ‘altijd’, ‘alles’ of ‘niets’. Het is ook niet nodig om je kind voor élk mogelijk gevolg te waarschuwen: pik er de belangrijkste uit.

5) Werk aan veerkracht

Veerkrachtige kinderen veren sneller recht na een tegenslag of verandering. Werken aan veerkracht is een doorlopend proces, niet iets dat je vandaag of morgen kan installeren. Toch loont het om oog te hebben voor veerkracht.

> Tips om je kind veerkrachtiger te maken

6) Geef het tijd

Veranderingen vergen een aanpassing en dat vraagt tijd. Soms een beetje, soms veel en dat is oké.

En de ouders?

Vergeet jezelf als ouder niet in dit proces. Sommige veranderingen hebben ook invloed op de ouders, en ook voor hen komen er emoties en verwerking bij te pas. Gun jezelf dezelfde ruimte voor emotie en verwerking als je kind. Dat hoef je niet te verstoppen voor je kind: je kan best benoemen dat het proces van verandering ook voor jou moeilijk is. Een goede leerkans voor je kind, dat leert inzien dat groot worden niet betekent dat verandering vanzelf gaat.

Wat bij veranderingen in het gezin?

Veranderingen in het gezin raken aan de fundamenten van het kind. Het normale gezinsleven wordt tijdelijk of permanent overhoop gehaald. Een baby erbij, iemand in het ziekenhuis of de ouders gaan uit elkaar. Dat vergt wat van kinderen én hun ouders om mee om te gaan.
Hoe kunnen ouders naar hun kind luisteren bij die veranderingen in het gezin? Claire Wiewauters legt het uit in de webinar ‘Mag ik ook iets zeggen’ op 19 november. Voor deze webinar kan je inschrijven via deze pagina.

Tags: , , ,