Je dacht dat de gewoonte van kettingbrieven voorbij was? Fout gedacht: af en toe circuleert er nog wel eens iets via Facebook of Messenger, al dan niet in de vorm van een ‘uitdaging’. Week van de dochter, je bent de beste mama, kies jouw beste film/cd/foto en nomineer een vriend enzovoort. Soms wordt er eens foute informatie verspreid (Facebook wordt betalend! Ze stelen jouw foto’s!) maar de meerderheid is redelijk onschuldig. Maar voor onze kinderen zijn er nog andere kanalen, en daar gaat het er soms minder aangenaam aan toe.

Horrorberichten worden ze ook wel genoemd. Korte berichten via Whatsapp, Facebook of Snapchat waarbij de ontvanger de boodschap krijgt iets te moéten doen OF er gaat iets ergs gebeuren. Mama sterft, kat wordt overreden, zus verkracht: dat soort dingen. Soms vergezeld van een al even gruwelijke foto. Een echte trend, zo blijkt, bij tieners maar ook bij jongere kinderen.  Omgaan met horrorberichten: als mama of papa kan je je kind dat leren.

Maar… dit vereist wel dat de ouders wéten dat het gaande is. En daar knelt het schoentje: veel kinderen houden de berichtjes voor hun ouders verborgen. Ze hebben schrik dat hun smartphone gaat afgenomen worden, dat ze niet meer op sociale media mogen of dat ze straf krijgen.

Hoe kan je als ouder weten dat je kind zulke berichten krijgt? En hoe reageer je daarop?  Journalist en tienerexpert Sarah Van Gysegem somt enkele tips om voor ouders om te leren omgaan met horrorberichten.

TIP 1: mediawijsheid voor ouders

Zorg dat je zelf ook mee bent: lees over technologie, sociale media, of hypes zoals Fortnite. Probeer Snapchat uit.

Installeer alle apps die je kinderen hebben, zorg dat je weet hoe ze werken en wat daar allemaal gebeurt. Als je kinderen voelen dat je er één en ander van weet, zullen ze ook meer geneigd zijn om bij jou aan te kloppen als er iets misgaat. Bekijk het zo: met een kapotte fiets ga je ook naar de fietsenmaker, niet naar de bakker.

Surftip: veiligonline.be waar ouders én jongeren kunnen leren over de wondere wereld van het wereldwijde web.

TIP 2: Offline én online opvoeden

Opvoeden betekent vandaag ook online opvoeden. Dit betekent dat je als ouder op de hoogte bent van wat je kinderen online doen en dat je hen daarin begeleidt. Dat kan natuurlijk vooral als je zelf weet wat er gebeurt en hoe het werkt (zie tip 1).  Een aantal basisregels moet hierbij worden gerespecteerd, zoals (weinig) persoonlijke data delen en mensen die ze niet kennen niét toevoegen.

Lees ook: 7 gewoontes van mediawijze tieners

TIP 3: Praat erover

Niet serieus (“En, wat steek jij allemaal uit met die Whatsapp?”), niet beschuldigend (“Kan je niet eens iets anders doen dan met die gsm bezig te zijn?”) en niet op een moment met tijdsnood (vlak voor het vertrek naar school of een feestje).

Hoe dan wel? Informeer regelmatig hoe het gaat en wat er gebeurt, toon oprechte interesse, zoals je ook wil weten hoe het was op school of na een fuif of vakantie.  Pols bijvoorbeeld eens wat ze online zien en of dat oké is. Of ze wel eens schrikken, en hoe ze reageren.

Reageert je kind afwijzend of afwijkend, probeer het dan in een ‘asociale’ setting, wanneer je elkaar niet aan hoeft te kijken, zoals in de auto of tijdens een wandeling. Geef het ook niet te snel op: blijf regelmatig informeren.

TIP 4 : “Take a chill pill”

Om het in tienertaal te zeggen. Komt er uit zo’n gesprek iets choquerend of beangstigend naar voor: blijf kalm en word niet boos. Een boze reactie betekent dat ze de volgende keer minder of niet geneigd zullen zijn bij jou aan te kloppen – en het doel blijft toch dat je een vertrouwenspersoon bent voor je kind.

Heeft je kind iets gedaan dat niet mag (haatberichten of horrorberichten doorsturen), herhaal dan rustig de regels én het waarom ervan.

TIP 5: Gebruik het nieuws of de media

Een krantenbericht, zoals over de haatberichten, is een ideale gespreksopener. “Heb jij hier al van gehoord? Ken je iemand die het al meegemaakt heeft? Wat vind je daarvan?”

Een gebeurtenis in een serie of film kan zo ook als aanleiding dienen.

TIP 6: Vertrouw op je mensenkennis

Laat je niet afschrikken door de technologische en digitale knobbel van je kinderen: zij kennen de apps en de toepassingen en zijn daar heel handig in, maar als ouder heb jij meer mensenkennis, sociale vaardigheden en levenservaring. Jij weet wat past en wat niet, wat fake is en wat niet, en dat geldt ook voor het online leven.

Jij blijft van cruciaal belang om je kinderen de goede weg te tonen.

TIP 7: Hou toezicht (bij jonge kinderen)

Hou mediagebruik zoveel mogelijk in de huiskamer of keuken, onder jouw toeziend oog of dat van je partner. Check wat ze doen als ze online zijn, kijk eens mee, stel een paar vragen. Weet je niet goed hoe het zit: zoek het achteraf eens op, probeer zelf de apps en spellen uit.

Zeker voor jongere kinderen is dit nodig: je begeleidt hen in het digitale verkeer zoals je hen ook begeleidt in het echte verkeer. Eerst rij je ernaast, je wijst telkens opnieuw op de gevaren, de waarschuwingen, de gewoontes en pas als ze die onder de knie hebben, mogen ze alleen. Maar ook dan praat je nog regelmatig over wat ze onderweg (kunnen) tegenkomen.

TIP 8 : Leer fake news en fake foto’s herkennen

Wijs hen tijdens jullie babbels regelmatig op het fake-gehalte van de online wereld: niet alles wat je ziet/leest is waar. Kijk verder dan de titel: lees ook het artikel. Bekijk de auteur, de bron, de site. Staat het op één site of verschillende sites? Hoe oud is het bericht? Haal een foto door google images: dat kan veel zeggen over de originele bron of context. Een mediakritische houding dus.

Mediatip: Ike Picone over Fake News (video)

TIP 9: Een lesje geschiedenis

Vertel je kinderen dat kettingberichten vroeger ook al bestonden, alleen moesten wij een brief zes keer kopiëren of er zouden erge dingen gebeuren met onze familie. Mensen die elkaar bang maken door horrorberichten is van alle tijden. Maar als het via je smartphone binnenkomt, lijkt het dubbel zo echt en zo eng, zeker als ze alleen in hun kamer zitten en persoonlijke informatie (kat/zusje/pokémonverslaving) verwerkt wordt.

Daarom is het beter zulke berichten te delen met een volwassene (ouders, leerkracht, …) én voorzichtig om te gaan met gegevens en wie je online toevoegt en vertrouwt.

Sarah Van Gysegem is journaliste en maakt voor de Gezinsbond het magazine BOTsing voor ouders met tieners. Dat kan je ook volgen via de Facebookpagina van BOTsing. Daarnaast schreef ze twee boeken over tieners: Typisch tieners en Digitaal ontmaagd. Je kan Sarah op verschillende plekken in Vlaanderen aan het werk zien en horen: via een lezing, radiozender JOE of filmpjes via de krant De Standaard.

Tags: , , ,