Madame Zsazsa over mama zijn van 3 kinderen: ʻIk hou ervan om al mijn kinderen rond mij te hebben.'

Madame Zsazsa over mama zijn van 3 kinderen: ʻIk hou ervan om al mijn kinderen rond mij te hebben.’

Ze woont met haar drie kinderen en haar vriend op een oude boerderij in de stille Kempen. Daar kweken ze hun eigen groenten en vlees. Kim Leysen, ook bekend als Madame Zsazsa, zou geen ander leven willen. Een perfecte ouder is ze niet, en wil ze ook niet zijn. ‘Hoe minder naschoolse activiteiten ze doen, hoe liever ik dat heb. Dat geeft ons meer tijd om samen thuis te zijn.’

Een zoon van veertien (niet op de foto), een van tien en een dochter van vijf. Daar heeft Madame Zsazsa haar handen meer dan vol mee. Toch is het nooit hectisch thuis.

Madame Zsazsa: ‘Daar heb ik bewust voor gekozen. Ik heb op een bepaald moment gedacht: ofwel erger ik me aan de kinderen die hier rondlopen en voortdurend vragen stellen terwijl ik aan het werk ben, en word ik gek, ofwel leg ik me erbij neer dat ik alleen maar werk als zij hier niet zijn.’

Hoe ziet een doordeweekse dag eruit bij jullie?

‘Ik breng de kinderen ’s morgens naar school. Die ochtendrush valt bij ons echt goed mee: op een kwartier tijd staan we allemaal vertrekkensklaar. Dat komt ook omdat ik erop hamer dat ze alle drie hun eigen ding moeten doen.’

‘Het enige wat ik voor hen doe, is de boterhammen smeren. Alle andere dingen moeten ze zelf doen. Om drie uur in de namiddag haal ik hen op en om halfvier zijn we thuis.’

‘Dat geeft ons nog een zee van tijd om van alles te doen: wat rondhangen, prutsen, op straat fietsen, koken, in de tuin spelen … Het liefst blijven we thuis, met iedereen. Dat vinden we gezellig. Ik hou ervan om al mijn kinderen rond mij te hebben.’

Je bent geen taxi mama, die de kroost na schooltijd naar hun hobby’s en activiteiten brengt?

‘Hoe minder naschoolse activiteiten mijn kinderen doen, hoe liever ik dat heb. Het klinkt misschien raar, maar ik zal hen nooit aanmoedigen om te sporten of naar de muziekles te gaan. Ze leren zwemmen bij vrienden of op vakantie, in het zwembad. Niet in de zwemclub.’

‘Dat doe ik uiteraard niet omdat ik niet wil dat ze zich ontwikkelen, maar omdat het veel kostbare tijd zou innemen. Tijd die ik liever met hen doorbreng. Ik vind het leuk als iedereen gewoon thuis is.’

‘Mijn kinderen hoeven niet naar een jeugdbeweging, ze komen hier al genoeg buiten. En aangezien we op een boerderij wonen, kunnen ze hier van alles ontdekken en naar hartenlust ravotten. Bovendien is het ook gewoon gemakkelijker voor mezelf, dat vind ik ook belangrijk. (lacht)’

Je focust in je ouderschap vooral op rust en harmonie. Lukt je dat elke dag of zijn er ook dagen waarop je het allemaal wat moeilijker vindt?

‘Ik ben een ontspannen moeder. Dat probeer ik althans zoveel mogelijk te zijn. Ik moet er wel bij zeggen dat ik ontzettend veel geluk heb met mijn kinderen: ze zijn rustig en gemakkelijk. Dat is niet iedereen gegeven.’

Madame Zsazsa over mama zijn van 3 kinderen: ʻIk hou ervan om al mijn kinderen rond mij te hebben.'

‘Ze zien me zeker ook wel eens opgedraaid, dat is maar normaal. Maar dan kan ik afleiding vinden in de moestuin. Het huishouden is echt mijn specialiteit niet. Dat is zelfs een redelijke ramp! (lacht) Maar ook daar probeer ik me niet zoveel van aan te trekken.’

Jouw zonen zijn veertien en tien, je dochter is vijf. Helpen ze veel mee in het huishouden?

‘Ik schakel de oudste twee ’s morgens in om alles in goede banen te helpen leiden. De jongens helpen hun zusje en kunnen zich uiteraard al zelf klaar maken.’

‘Na het avondeten verwacht ik dat iedereen meehelpt. De ene vult de afwasmachine, de andere ruimt de tafel af of hangt een was op. Dat moet ik meestal wel vragen – dat is ook normaal – maar ze doen het wel.’

‘Ik vind het belangrijk dat iedereen meehelpt. We zijn een gezin, een eenheid, en daar horen ook bepaalde taken bij.’

Is dat een van je opvoedingsprincipes?

‘Ik heb er niet zoveel, maar degene dié ik heb, zijn bijzonder belangrijk voor ons. We voeden onze kinderen positief, liefdevol, maar ook duidelijk op. Dat is de basis van alles.’

‘Ik wil van hen niet te veel gezeur horen – ik vertrek altijd vanuit het positieve en zou willen dat zij dat later ook doen. Natuurlijk slaat het soms tegen, ik ben ook maar een mens.’

‘Wanneer ik een off day heb, durf ik mijn principes wel eens in de steek te laten. Maar dat is dan maar zo. We gebruiken hier nooit geweld – zelfs geen pedagogische tik. Ook niet verbaal: we zullen onze kinderen nooit kleineren of vernederen. Ze mogen niet bang zijn van hun ouders, vind ik.’

‘Ze helpen ons omdat ze dat willen, of omdat het moet, maar niet omdat ze bang zijn van ons. Uiteraard straffen we ze wel eens als ze iets hebben gedaan dat niet door de beugel kan, maar die straffen zijn zeer beperkt en zeer matig. Meestal moeten ze dan een extra klusje uitvoeren, of pakken we de smartphone voor een tijdje af.’

Dat klinkt als opvoeden met het hart, maar ook met gezond verstand.

‘Ik ben ook jong geweest, ik herinner me nog goed hoe ik was en dacht. Ik was geen briljante student. Ik zie dat mijn zoon mijn afkeer voor school geërfd heeft.’

‘Ik zal altijd blijven hameren op het belang van studies en ik zie het potentieel van mijn kinderen. Maar ik ben geen moeder die achter haar kroost aanholt om te vragen of ze hun huiswerk wel gemaakt hebben of die hun oefeningen verbetert.’

‘Als de juf een huistaak geeft, wil dat zeggen dat de kinderen de verantwoordelijkheid hebben gekregen om die te maken. Als ze fouten maken, moet de juf hen daarop wijzen, niet ik. Daar leren ze meer uit, dan van een moeder die hun fouten snel-snel zelf rechtzet.’

‘Dat wil niet zeggen dat ik niet streng ben. Of dat ze hier geen waarden meekrijgen, integendeel.’

Welke waarden geef je hen mee?

‘Dezelfde als de meeste ouders, denk ik: respect hebben voor alles en iedereen, en iedereen in zijn waarde laten. Ik voed hen met humor op en breng hen zelfrelativering bij. We relativeren onszelf als ouder ook: we tonen dat we het niet erg vinden om ons te generen voor iets, we zijn tenslotte maar mensen.’

‘Met jezelf kunnen lachen is zo’n sterkte, ik wil dat mijn kinderen dat ook kunnen. En daar slagen we al aardig in: we kunnen enorm veel bespreken en vaak blijft het luchtig, net omdat we elkaar intussen wat plagen.’

‘Dat kan enkel omdat er een onvoorwaardelijk vertrouwen is in elkaar: ik kan mijn zoon plagen omdat hij weet dat ik hem altijd graag zal zien – en omgekeerd is dat ook zo. Het is gewoon heel leuk als je merkt dat je kinderen diezelfde humor hebben – en daardoor tegen een stootje kunnen.’

Hoeveel inspraak hebben de kinderen in de beslissingen die jullie maken voor het gezin?

Madame Zsazsa over mama zijn van 3 kinderen: ʻIk hou ervan om al mijn kinderen rond mij te hebben.'

‘Laat ons zeggen dat ons gezin een democratie is – en zeker geen dictatuur. We staan als ouders open voor hun argumenten maar de eindbeslissing ligt bij ons, de ouders. Als mijn zoon naar een fuif wil en hij vraagt of hij pas om twee uur ’s nachts naar huis mag komen in plaats van middernacht, dan zal hij serieuze argumenten moeten bovenhalen om me te overtuigen.’

Zijn er ook zaken waarop je geen compromissen sluit?

‘Een van onze belangrijkste motto’s is: sluit de rangen! Wij zijn een gezin, een eenheid. Andere gezinsleden verklikken vind ik verschrikkelijk en zal ik altijd tegengaan. Als er echt iets ergs aan de hand is, dan is dat natuurlijk anders.’

‘Ik heb nog een ander stokpaardje: ik duld geen “ik wil”- kinderen. “Ik wil een ijsje”, daar ben ik doof voor. Dat zeg ik hen ook.”Mag ik een ijsje?”, daar reageer ik wel op. En verder moet iedereen helpen in het huishouden. Daar ding ik niet op af.’

Je zonen naderen de puberteit, een minder gemakke­lijke periode voor zowel ouders als tieners. Er verandert van alles, zowel fysiek als mentaal. Hoe ga je daarmee om?

‘In ons gezin erkennen we de gevoelens van de ander. Pijn, zowel fysieke als mentale, mag bestaan, en zal niet geminimaliseerd worden. Anderzijds moet ik ook zeggen dat ik een hekel heb aan flauwe mensen. (lacht)’

‘Het is zoeken naar een middenweg, zoals met alles. We houden rekening met elkaars gevoelens, maar ik ga geen spelletjes spelen en ik wil ook niet te veel meegaan in het drama.’

Vind je dat tieners vandaag meer onder druk staan dan vroeger?

‘Ik denk dat het niet leuk is om vandaag tiener te zijn. Er zijn zoveel mogelijkheden en je moet zo vaak keuzes maken.’

‘Maar bij mijn eigen kinderen zie ik dat niet zo heel erg. Mijn oudste zoon heeft wel een telefoon en zit op allerlei sociale media, maar hij gaat daar gezond mee om.

Wat vind je het moeilijkste aan opvoeden?

‘Je kind iets laten doen waar het geen zin in heeft. In ons geval is dat mijn oudste zoon doen studeren. Hij heeft echt een grondige hekel aan school.’

‘Dat doet me denken aan mezelf op die leeftijd. En ik heb het er moeilijk mee om hem dat op te leggen, ook al weet ik dat school heel belangrijk is. Ik vraag me af hoe andere ouders dat doen, hun tieners motiveren om beter hun best te doen voor school.

‘En dan is er nog het eeuwige schuldgevoel natuurlijk. Bij de geboorte van je kind wordt ook een schuldgevoel geboren, iets dat je daarvoor niet bezat. Na de geboorte van mijn zonen ben ik altijd met hen thuisgebleven tot ze naar school gingen.’

‘Mijn dochter was twee jaar toen mijn ex en ik uiteengingen. Ik had toen geen andere keuze dan haar naar de crèche te brengen. Daar heb ik me zeer slecht over gevoeld, terwijl duizenden ouders dat doen. Ik wéét dat daar niets mis mee is, en toch voelde ik me rot.’

Wat zou je alle ouders aanraden?

‘Laat je zeker niet beïnvloeden door het oordeel van anderen. Iedereen maakt zijn eigen keuzes, en als je daar achterstaat, dan kan niemand daar iets op te zeggen hebben. Gelukkig zijn met wat je hebt, zonder iemand te benadelen, is een fijn streven.’

Wil je meer lezen over Madame Zsazsa en haar projecten? Neem dan zeker een kijkje op madamezsazsa.blogspot.com.

Foto’s: Kristof Ghyselinck

Dit artikel komt uit nummer 81 van ons magazine BOTsing, bedoeld voor ouders van tieners tussen 12 en 17 jaar. Word lid van de Gezinsbond en ontvang BOTSING gratis.

Gepubliceerd op: 11/03/2020