Toen Greet de krassen op de armen van haar dochter (toen 13 jaar) zag, begon een lijdensweg. Dochter Emma – intussen 17 jaar – heeft zelfmoordgedachten, ondernam al enkele pogingen én haar armen dragen de sporen van automutilatie. Vier zware jaren na de eerste opname houdt Greet een pleidooi voor meer openheid over de problematiek én voor meer steun aan ouders van kinderen in de psychiatrie. Hoe ga je ermee om als je kind suïcidaal is?

Greet heeft naast dochter Emma nog een dochter Lies die twee jaar ouder is. ‘Zij was ons zorgenkindje’, vertelt Greet. ‘Ze was als kind veel ziek en in het ziekenhuis. Emma was een gezond en vrolijk kind. Een zalige dochter.’

Ik was er doodziek van

‘Rond haar elfde begon Emma meer en meer mijn aandacht op te eisen. De papa van de kinderen en ik zijn gescheiden, ik leerde een nieuwe man kennen en er was lang veel aandacht naar haar oudere zus gegaan. Ik dacht: Ik zal Emma wat meer verwennen.

Het was ook het begin van de puberteit en ze ontdekte haar lesbische geaardheid. Maar ze deed het goed op school en had veel vrienden, een normale zoektocht naar haar identiteit dachten we.

Tot ze me een brief schreef dat ze zich niet goed voelde. Dat was schrikken. De huisarts verwees ons door naar een kinderpsychiater. We konden pas in vier maanden later een afspraak krijgen.

Het werd vakantie, in september begon Emma aan het tweede middelbaar en ze stond gretig in het leven. Ze vond zelf dat de afspraak met de psychiater niet meer hoefde en ook mij leek alles in orde. Ik belde de afspraak af en Emma fladderde verder door het leven.

Tot ze in de kerstvakantie ineens weer naar de huisarts wilde. Ik werd erbij geroepen en kreeg de krassen te zien op haar armen. Dit was onder mijn dak gebeurd en ik – die dacht een goede relatie te hebben met mijn dochter en die er altijd was voor de kinderen – had dit niet gezien. Daar ben ik doodziek van geweest.’

LEES OOK > Wat als je tiener denkt aan zelfmoord?

Nooit meer rust

‘Emma is toen in crisis opgenomen, er werd gestart met medicatie en therapie. Ik zei: “Misschien kan je opschrijven wat je me niet kan vertellen?” Ze schreef een verhaal over een meisje dat niet wilde leven. De psychiater kwam tot het besluit dat onze Emma ASS (autismespectrumstoornis) heeft en chronisch suïcidaal is.

Mijn dochter wilde niet leven. Dat is wel het laatste wat je hoopt als je een kind op de wereld zet. Er lag geen trauma aan de basis, het is een complex samenspel. In het hoogsensitieve kind dat door haar autisme de wereld ook anders ziet, nestelde zich het verwoestende idee dat zij niets waard was, dat zij niet thuishoort in deze wereld.

De afgelopen vier jaar was Emma meer dan drieënhalf jaar in opname, daar is ze nu ook. Al zeven keer heeft ze zich zwaar gekrast zodat de wonde gehecht moest worden. Zelfs in opname, waar ze 24/24 onder toezicht is, slaagde ze er al twee keer in.

Ik werk nu ¾, om tijd te hebben voor gezinsgesprekken of adviesgesprekken met het team. Op woensdagnamiddag en in het weekend mag Emma naar huis, dan staan mijn antennes constant hyperalert. Ik ga nergens als ze hier is en hou toezicht zoals voorgeschreven vanuit het ziekenhuis. Neemt ze een bad dan ga ik regelmatig kijken. Daar heeft ze twee jaar geleden een zware zelfmoordpoging gedaan. Het is mijn grootste angst dat ze er thuis een einde aan zou maken.

Ook als ze opgenomen is, heb ik geen rust. Altijd heb ik mijn gsm binnen bereik. Een glas wijn ‘s avonds is ook verleden tijd. Stel je voor dat ik naar spoed geroepen word en mijn adem naar alcohol ruikt.’

Voortdurend tussen leven en dood

‘Naar foto’s kijken van toen ze een gelukkige kleuter was is te pijnlijk. Ik heb alles geprobeerd om haar op andere gedachten te brengen: uit haar hoofd proberen te praten, haar op de mooie kant van het leven wijzen, mee wenen …

Ze is jong en intelligent, en heeft vrienden, dan denk je: komaan, doe iets met je leven. Maar als ze voelt dat je haar niet begrijpt, zet ze een masker op en verlies je het contact.

Ik heb leren begrijpen en aanvaarden dat mijn dochter niet wil leven. Dat is hard, en ik zal er alles aan doen om te voorkomen dat ze er een einde aan maakt, maar ik begrijp het wel. Sinds ik dat kan, vertelt ze me alles. En ik wil het horen, ook al is het vaak slikken.

De drang om zichzelf pijn te doen kan ik niet verhinderen, soms is ze zelf bang van waar ze toe in staat is. We verzwijgen niets meer voor elkaar. Ik hou er rekening mee dat ik haar op een dag kan kwijtraken, maar blijf hopen dat er ooit alsnog een omslag komt. Tussen dood en leven bewegen we ons voortdurend.

Ik heb sinds negen jaar een nieuwe relatie maar mijn man en ik doen noodgedwongen veel apart. We gaan zelfs niet samen op reis als Emma opgenomen is. Er moet altijd een van ons twee in de buurt blijven om haar te bezoeken en stand-by te zijn mocht er iets gebeuren.

Haar zus wil ik daar niet mee opzadelen. Je sociale leven schiet erbij in en het gezinsleven staat onder druk. Onze Lies is boos op Emma. Dat levert stresserende tafelmomenten op in het weekend.

Mijn man, die niet haar papa is, ziet Emma heel graag en heeft veel voor haar over. Hij moet ermee leven dat hij op de derde plaats komt. De kinderen komen altijd eerst, daarnaast moet ik zorgen dat ik zelf overeind blijf, en dan pas is er aandacht voor hem. Dat is niet ideaal voor de relatie.’

LEES OOK > Dries over de zelfmoord van zijn zoon: ‘De boosheid gaat snel over, het verdriet niet’

Ouders hebben steun nodig

‘In de crisisopvang waar ze eerst was, kon ik haar therapeuten en psychiater niet onder vier ogen spreken. Ik hoef niet te weten wat Emma precies aan hen vertelt, maar het gaat wel over je kind he, ze was pas dertien. Waar ze nu is, word ik wel betrokken.

Maar je hebt ook steun nodig als ouder en die is er niet. Toen Lies in het ziekenhuis lag, was een legertje artsen en verpleegkundigen bezorgd om mij. Er stond koffie voor me klaar en de psycholoog regelde op eigen initiatief ziekteverlof omdat zoiets toch wel veel vergde van een moeder.

Toen Emma werd opgenomen, heeft niemand gevraagd of het ging met mij. En de volgende dag ging ik werken. Gelukkig heb ik wel een begripvolle baas die me steunt.

Toen ik op haar school ging vertellen wat er gebeurd was, zei de directeur: “We zullen zeggen dat ze een zware buikgriep heeft.” Psychiatrie was taboe. Terwijl ik de dag erop een reportage zag over automutilatie en hoeveel jongeren dat wel doen. Psychische problemen zijn de ziekte van de eenentwintigste eeuw. Grotere openheid zou jongeren helpen om sneller met hun probleem naar buiten te komen en hulp te zoeken.

‘Ouders moeten zich niet schuldig voelen, ze moeten geholpen worden’

In het begin schaamde ik me en vroeg me af: wat heb ik verkeerd gedaan? Ik sprak er met niemand over. Nu weet ik dat ik recht in mijn schoenen sta en alles heb gedaan en nog doe wat ik kan. Daarom wil ik getuigen.

Waarom worden patiënten en hun ouders in een isolement geduwd? Ik wil dat wat ik heb meegemaakt, anderen bespaard blijft. We moeten ons niet schuldig voelen, we moeten geholpen worden.

Onlangs zag ik een ouderpaar buitenkomen uit crisisopvang, met hangende hoofden. Ik ken de eenzame lijdensweg die hen te wachten staat. Waarom is er niet al van bij de opname iemand die zegt: “Wij zullen ons op je dochter/zoon concentreren, maar als je wil is er ook iemand die tijd heeft voor jou. Ga een kop koffie drinken, vertel hem of haar wat je kwijt wil en stel alle vragen waar je mee zit.” Dat moet van in het ziekenhuis voorzien worden. Iemand die de specifieke situatie begrijpt en ook praktische zaken regelt.’

Sociale media

‘De sociale media maken het voor kwetsbare jongeren extra moeilijk’, meent Greet. ‘Als Emma niet meteen antwoord krijgt op een berichtje, denkt ze: ik zal wel niet belangrijk zijn. En de druk om veel likes te krijgen op Facebook is groot. Veel jongeren worstelen met identiteit, zelfbeeld, zelfvertrouwen … zonder dat iemand het weet.

We kunnen sociale media niet verbieden, maar tussen de vele berichten zouden voortdurend waarschuwingen moeten passeren: ‘Opgelet, de hele wereld ziet wat je post”. Ook realistische verhalen én informatie waar ze terechtkunnen als ze het moeilijk hebben, moet daar prominent aanwezig zijn. En praat op school over sociale media en over de vragen van het leven.

Je ziet niet aan Emma hoe zwaar het is. Dat maakt het moeilijk voor de omgeving om te begrijpen. Mensen denken wellicht dat ik overdrijf of aandacht zoek. In het begin krijg je wel de vraag hoe het gaat, maar na vier jaar is er gewenning. Emma weer opgenomen? Of heeft ze zichzelf weer verwond? Tja, het is al de zoveelste keer. Voor ons wordt het net door die lange duur steeds zwaarder. En we weten niet of en wanneer het ooit beter gaat.

Ik heb me fanatiek op het hardlopen gestort. Soms loop ik twee uur te wenen en fysiek put ik me uit, maar nadien leef ik drie dagen op de adrenaline. Dàt houdt me op de been. Aan een moeder die in haar bed blijft liggen, heeft Emma niks. En Lies ook niet. Ik moet overeind blijven.’

Meer info

  • Wie aan zelfdoding denkt of zich zorgen maakt om iemand anders kan 24 uur op 24 gratis en anoniem bellen naar de zelfmoordlijn op het nummer 1813. Chatten kan elke dag van 18.30 uur tot 22 uur via zelfmoord1813.be. Op de site staat ook informatie voor zelfhulp. Er is een luik dat zich speciaal richt tot ouders van suïcidale jongeren.
  • Jongeren kunnen met vragen of problemen van allerlei aard gratis en anoniem terecht bij Awel, tel. 102, awel.be.
  • Gezinnen waar iemand psychische problemen heeft, leggen een moeilijke weg af en kunnen in een isolement geraken. De Gezinsbond pleit voor ondersteuning en voor een voortdurende sensibilisering om het taboe op geestelijke gezondheidszorg te doorbreken. Psychische hulp moet toegankelijk en betaalbaar zijn voor iedereen. Meer info op gezinsbond.be/zorg.
  • De Gezinsbond organiseert ook vormingsavonden over omgaan met sociale media in het gezin. Info en vormingen op veiligonline.be.
  • Similes is een pluralistische organisatie, die de familie en naasten van psychisch kwetsbare mensen ondersteunt, similes.be. Op werkdagen kan je tussen 10 uur en 12 uur ook terecht bij de Luisterlijn 016-244 200
  • Ook kinderen en jongeren die te maken krijgen met een gezinslid dat aan zelfdoding denkt, hebben ondersteuning nodig. Het Kenniscentrum Gezinswetenschappen voert – in opvolging van het onderzoek bij ouders – nu een nieuw onderzoek naar de noden en ervaringen van broers, zussen en kinderen van iemand die aan zelfdoding denkt.
    Ben je zelf of ken je een kind of jongere tussen 8 en 24 jaar die samenwoont met een mama, papa, broer of zus die zelfmoordgedachten heeft? Dan kan je meewerken aan dit onderzoek, zodat in de toekomst kinderen en jongeren in deze situatie beter ondersteund kunnen worden. Hier vind je meer informatie over dit onderzoek.
  • Het Vlaams Expertisecentrum Suïcidepreventie heeft de game Silver ontwikkeld. De game wil de geestelijke gezondheid van jongeren tussen 12 en 16 jaar versterken. Het helpt jongeren inzicht te krijgen in belangrijke zaken omtrent mentaal welbevinden. De naam verwijst naar de Engelstalige uitdrukking ‘Every cloud has a silver lining’. De boodschap dat elke moeilijkheid of tegenslag ook een positieve uitkomst kan hebben, komt doorheen de game naar boven. Bekijk de trailer.

Volg de Gezinsbond ook op FacebookTwitter en Instagram om op de hoogte te blijven van nieuwtjes en activiteiten. Lid worden van de Gezinsbond kan hier.

Gepubliceerd op: 21/06/2021, laatste update op: 18/08/2021

Tags: , ,