Als jij en je partner een andere moedertaal hebben, lijkt het logisch om je kind tweetalig op te voeden. Meertalig zijn is immers een troef. Wie vloeiend meertalig is, scoort op de arbeidsmarkt, leert makkelijker een derde en een vierde taal, en kan hechter contact houden met familie in het buitenland. Maar is het voor je baby niet bijzonder verwarrend om twee talen tegelijk te horen en te leren? We geven je graag een paar tips.

De meeste ouders starten enthousiast, maar vaak blijkt je kind meertalig opvoeden toch iets ingewikkelder dan gedacht.

Bezint eer ge begint

Er op voorhand samen over nadenken en afspraken maken, helpt om het vol te houden. Welke ouder spreekt welke taal? In welke situaties? Welke taal spreek je samen aan tafel? Hoe zit het met de grootouders? In welke taal zal je kind vriendjes hebben als het naar school gaat?

Geven jullie allebei je eigen moedertaal door aan je kind? Dan kun je er al mee beginnen vanaf de geboorte. Probeer de gemaakte afspraken zo strikt mogelijk te volgen. Het helpt om het vol te houden, en je kind ziet mettertijd duidelijk in: in die situatie met die persoon spreek ik die taal.

Taalbad

Als jullie veel tijd besteden aan taal, wordt je kind er helemaal in ondergedompeld. Beide partners kunnen in hun eigen taal kinderboeken voorlezen en ook kleuterprogramma’s kunnen in beide talen bekeken worden.

Skypen met familie in het buitenland, of daar een deel van de vakantie doorbrengen, zijn ook uitstekende manieren om talen steeds dieper te laten insijpelen.

Talen vermengen: een onschuldige fase

Wanneer je je kinderen tweetalig opvoedt, komen de eerste woordjes doorgaans iets later. Maak je dus geen zorgen als je kleintje op anderhalf of twee jaar nog niet zo vlot babbelt als leeftijdsgenootjes.

Tweetalige kinderen gebruiken in het begin vaak ook woorden uit verschillende talen in één zin. Alweer niks om ongerust over te zijn. Hou gewoon consequent vol, ten laatste vanaf vijf jaar houden ze die talen echt wel uit elkaar.

Zorg dat je de taal goed beheerst

Leer je kind liever geen taal aan die je zelf eigenlijk niet zo goed beheerst. Om een taal echt te kunnen doorgeven moet je die door en door kennen: de subtiele nuances, kinderliedjes, taalspelletjes, humor… Je moet ook kunnen afdalen in de kindertaal. Geef dus bij voorkeur alleen je moedertaal door.

Naar school in een ander taal

Soms wordt er thuis één taal gesproken, maar op school een andere. Daar start je beter niet mee in het eerste leerjaar. Het is erg moeilijk om woorden te leren lezen in een taal waarvan je de klanken nog niet helemaal onder de knie hebt. Stuur je kind dus al vanaf de kleuterklas naar die school, of wacht tot pakweg het derde leerjaar om de taaloverstap te maken.

Het is trouwens aan te raden dat minstens een van beide ouders de schooltaal ook voldoende beheerst: elk kind heeft wel eens hulp nodig bij het huiswerk…

Meertalig opvoeden: geschikt voor elk kind?

Als er geen speciale moeilijkheden zijn, kan elk kind in principe een tweetalige opvoeding aan. Toch zijn er kindjes bij wie het minder makkelijk verloopt of die beide talen toch niet even vloeiend onder de knie krijgen. Er zijn nu eenmaal grote verschillen tussen kinderen onderling, ook op vlak van talenknobbels. Dat kan voor problemen zorgen als de zwakkere taal ook de schooltaal is.

Brieven aan Jonge ouders maand 6

Lees ook: Hoe meer slapen als mama van een pasgeboren baby

Dit artikel verscheen eerst in ons oudermagazine Brieven aan Jonge Ouders.
Mama’s en papa’s kunnen Brieven aan Jonge Ouders gratis krijgen van zodra ze zwanger zijn tot hun kind naar school gaat.
Het eerste levensjaar verschijnt het magazine maandelijks, het tweede jaar tweemaandelijks.
Inschrijven? Dat kan altijd door hier te klikken!

Tags: , , ,