De meeste zwangerschappen verlopen zo goed als probleemloos, maar soms loopt het ook anders. Als je in een risicogroep zit voor een bepaalde aangeboren afwijking, stelt de arts of vroedvrouw je misschien voor om een vlokkentest, vruchtwaterpunctie of NIPT af te nemen. Dan rijst de vraag: prenatale testen, doen of niet?

Waarom een prenatale test doen?

Voor je beslist om een prenatale test te laten uitvoeren, sta je best stil bij de reden waarom je dit wil doen. Zo’n test is namelijk niet vrijblijvend en over het mogelijke resultaat denk je best op voorhand na.

Wat als je een ongunstige uitslag krijgt? Dan sta je voor een moeilijke keuze. Of je behoudt de zwangerschap, in de wetenschap dat je kindje misschien niet lang zal leven of een handicap heeft. Of je beslist je zwangerschap af te breken.

Heb je voor jezelf al uitgemaakt dat je de zwangerschap wil afbreken als je kindje een afwijking heeft, dan is dit uiteraard een goede reden om de test te laten doen. Het kan ook zijn dat je de zwangerschap wil behouden, maar graag weet dat er iets niet helemaal in orde is met je kindje. Bijvoorbeeld om je beter te kunnen voorbereiden op de extra noden.

> Wat test NIPT?

Vragen die helpen beslissen

Ook al kan je beslissing nog veranderen, het is goed om op voorhand te bedenken wat je zou doen als je voor die keuze komt te staan. Deze vragen, opgesteld door zwangerschapsbegeleidingscentrum Fara, kunnen je daarbij helpen:

> Hoeveel wil je weten over je kindje voor het geboren is?

> Hoe zie je het leven met een kind met een (ernstige) handicap?

> Hoe zou het voor het kind zelf zijn?

> Hoe zou het je gezinssituatie beïnvloeden?

> Hoe denk je over het afbreken van een zwangerschap?

> Wat vind je essentieel in ouderschap?

> Welke (levens)waarden vind je belangrijk?

LEES MEER op de website van Fara

De mening van je partner

De vragen en de beslissing kunnen duidelijk zijn voor jou, maar meestal ben je met twee in het verhaal. Als je open kan praten over angsten, twijfels, opties, verlangens en toekomstvisies, dan kom je er als aanstaande ouders meestal wel uit.

Maar soms zitten de partners niet op dezelfde pagina. De ene wil vurig het kind houden, koesteren, verzorgen; de andere ziet alleen maar miserie. Of de onenigheid begint al vroeger: de ene wil testen, al is het maar om te weten waar je aan toe bent, en de andere wil het liever niet weten. Hoe pak je het aan?

Praten met elkaar, vanuit de ik-boodschap, zonder beschuldigende toon, is de eerste stap. Daarmee samen hangt natuurlijk ook luisteren naar elkaar. Niet onderbreken, de ander zijn verhaal laten doen, en zijn of haar standpunt overwegen.

Kom je er echt niet uit, dan kan een gesprek met een professional uitkomst bieden. Bij Fara is het mogelijk: zij zullen jullie helpen naar een gezamenlijk standpunt, een soort compromis toe te groeien.

Geen test: het kan

Je kan ook beslissen dat je niet voor die keuze wil staan. Je kan met andere woorden besluiten om geen prenatale testen te laten doen. Ook dat is een keuze: je beslist namelijk dat je het ‘risico’ op een kindje met een handicap wil nemen, hoe klein of groot dat risico ook is.

> Slecht nieuws na een prenatale test: wat nu?

Waar kan je terecht voor informatie rond prenatale testen?

> Je gynaecoloog, vroedvrouw en huisarts helpen je graag met al je vragen en twijfels rond testen, testresultaten en keuzes.

> Fara is het luister- en informatiepunt rond zwangerschapskeuzes. Je vindt heel wat interessante info over screening en diagnose-onderzoeken terug op www.fara.be, maar je kunt ook (anoniem) met je persoonlijke vragen en twijfels bij hen terecht. Bel naar de Farafoon op T. 016-38.69.50, mail naar vragen@fara.be of chat via de website.

> De Contactgroep Zwangerschapsafbreking na Prenataal Onderzoek (COZAPO) is er voor ouders die een gewenste zwangerschap hebben beëindigd, omdat bij het kind een afwijking werd vastgesteld. Je leest meer info op www.cozapo.org. Op zoek naar contact met iemand die hetzelfde heeft meegemaakt? Stuur een mailtje naar info@cozapo.org.

 

Laatst bewerkt op: 08/11/2019

Tags: ,