“Vijftien jaar van mijn leven heb ik geworsteld met boulimie. Niemand begreep mij. Ik dacht dat ik gek en abnormaal was, voelde mij zwak en doodongelukkig. Toen het beter begon te gaan, besloot ik om mijn verhaal te vertellen en andere mensen te helpen.” Dit is de strijd van Tiana tegen boulimie.

 

Boulimie

Kiem van boulimie? Als tiener is Tiana mooi, heeft veel vrienden en is populair… maar ook heel onzeker en gevoelig. Op haar vijftiende leert ze een jongen kennen. Die relatie betekent alles voor haar, maar na een tijdje maakt hij het uit. Tiana is er kapot van.

Tiana: “Daar ligt volgens mij de kiem van mijn ziekte. Ik was sowieso een tiener met weinig zelfvertrouwen en dat werd nog erger toen hij het uitmaakte. Ik vond dat ik gefaald had. Voor de buitenwereld bleef ik hetzelfde blije meisje, maar vanbinnen ging ik kapot. Ik zat serieus in de put. Mijn gevoelens verstoppen, dàt kon ik als de beste.”

Ze stortte zich op studeren: alleen het maximum was goed genoeg. “Alsof ik totale controle moest hebben over de leerstof, iets wat me bij m’n gevoelens niet lukte.” Toen ze 89,5 procent haalde in het midden van het laatste jaar, werd de druk nog hoger.

“De leraar schreef op mijn rapport: ‘Op naar de magische 90 procent!’ En toen liep het pas echt fout. Nog meer dan ervoor was ik doodsbang om te falen.” Ze studeerde constant om het te halen. “Mijn ouders moesten mijn boeken weghalen of ik zou niet geslapen hebben.”

Stress

Door de stress en de spanning zwol haar buik op, ze ging niet meer naar het toilet. De dokter schreef laxeermiddelen voor. Op het einde van het middelbaar nam ze een hoge dosis en werd uiteindelijk verzwakt en met een depressie opgenomen in het ziekenhuis.

Haar klasgenoten deden eindexamen, Tiana haalde haar diploma door een speciale tussenkomst van het ministerie van onderwijs.

Alleen op kot

Pas terug uit het ziekenhuis en nog heel zwak start Tiana met haar droomopleiding: verpleegkunde. Alleen op kot in Brussel…

Tiana: “Er was niemand om me in te tomen. Ik studeerde 24 uur per dag. Mijn gezondheid ging pijlsnel achteruit. Omdat ik me heel flauw voelde, vlotte het leren niet. Ik begon meer te eten om me sterker te voelen en, onbewust, om een leegte op te vullen.

“Mijn vlucht in voedsel was eerst niet opvallend. Ik had wel het gevoel dat ik meer at dan ervoor, en ook mijn weekvoorraad snoepjes ging er sneller door. Maar toen ik ’s nachts de koelkast begon te plunderen en ook het eten van andere studenten stal, zag ik in dat het niet normaal meer was. Eens ik startte met eten, kon ik gewoon niet stoppen.”

Weggehaald

Tiana: “Vriendinnen kregen in de gaten dat het grondig fout liep en contacteerden mijn ouders. Die haalden me onmiddellijk van school en namen mijn boeken af. Ik was te zwak om nog iets te doen, laat staan om te studeren.

“Thuis begon ik opnieuw te vreten, ik had toch niets om handen. Na zo’n eetaanval zat ik met een loodzwaar schuldgevoel. Ik was er rotsvast van overtuigd dat ik alles aan mezelf te wijten had. Mijn minieme zelfvertrouwen kreeg zoveel deuken dat er niets meer van overbleef. Als reactie ging ik wéér eten, eten, eten…”

In trance

Tiana: “Dikwijls stond mama met haar armen in de lucht te gillen: “Maar meisje, wat doe je nu?” Ik begrijp haar reactie, maar het maakte de dingen toen alleen maar erger. Want door wat ze zei, was ik er heilig van overtuigd dat ik volslagen gek was.

Het is ook geen mooi zicht, zo’n aanval van boulimie. Als een razende speelde ik alles naar binnen wat min of meer eetbaar was. Een heel brood, potten mayonaise, nog half bevroren diepvriesmaaltijden… ik liet een ravage achter in de keuken.

Tijdens zo’n eetaanval was ik mezelf niet meer. Ik raakte in een trance, leek bezeten door de duivel. Ik zou een ongeluk begaan hebben als ze mijn eten hadden weggenomen.

Mijn moeder ziet nu wel in dat ze anders had kunnen reageren. Maar hoe kon ze dat toen weten? Die arme vrouw was gewoon in paniek.”

Dokters, specialisten, ziekenhuisopnames… niets hielp. “Vaak was ik de enige boulimiepatiënt tussen anorexiapatiënten. Ik voelde me nog eenzamer en zag dat als een teken dat ik gek was.”

Supersterk

Tiana: “Mijn vrienden merkten er de eerste jaren niets van. Ik speelde mijn rol perfect. Tiana zonder problemen bij wie je altijd met een probleem kunt aankloppen. Ik leek supersterk in mijn schoenen te staan, terwijl dat enkel een façade was. Thuis was ik een wrak met eetaanvallen en vanbinnen ging ik kapot.”

Bang om ermee te stoppen

Tiana: “Vijftien jaar lang kon ik niet aanvaarden dat ik ziek was. Ik maakte mezelf wijs dat het wel zou overgaan, hoewel ik er erg aan toe was. Mijn dikke darm was weggenomen en ook mijn hart kreeg het zwaar te verduren. Pas toen ik de dood voor ogen zag, kwam ik tot het besef dat het niet zou lukken zonder hulp. Vanaf dat moment stond ik open voor mijn genezing.”

“Ik was ronduit bang om ermee te stoppen. Boulimie was voor mij een manier van leven geworden. Ik kón zelfs niet meer voelen, ik verstopte me achter het voedsel. Nu besef ik heel goed dat het een geestelijke en geen lichamelijke honger was. Mijn hart had honger. En dat los je niet op door te eten.

Anonieme Overeters

De zelfhulpgroep Anonieme Overeters was het begin van Tiana’s redding. Ze leert er mensen kennen die hetzelfde hebben doorgemaakt, zoals Luc.

Tiana: “Luc en ik begonnen elkaar te helpen, we hielden elkaar in evenwicht. Wanneer ik de drang om veel te eten voelde opkomen, rende ik niet meer naar het voedsel, maar naar de telefoon, naar Luc. Hij begreep hoe het voelde en praatte met mij. Hij zei me elke keer opnieuw dat eten niets zou uithalen, dat ik me nadien alleen maar schuldig en slecht zou voelen. Van hem kon ik dat aanvaarden, omdat hij wist hoe het was. Dankzij hem leef ik nog.”

Een huisarts heeft ook tot Tiana kunnen doordringen. “Ik had al veel raad gekregen, en het had nog nooit geholpen. Maar zij zei: ‘JIJ wil niet eten, het is je ziekte die op dat moment spreekt. Je moet je ziekte zien als iets aparts, iets dat in jou zit.’

“Vanaf dan werd boulimie een beest dat zich in mij schuilhield. Hoe meer eten ik het gaf, hoe sterker dat beest werd en hoe zwakker ikzelf werd. Door haar woorden besefte ik dat ik nog steeds een wil hàd, maar dat hij onderdrukt werd door die nare ziekte.”

Nooit genezen

Tiana: “Ik voel mij nu heel goed, maar ik moet in mijn achterhoofd houden dat ik altijd ziek blijf. Nooit zal ik kunnen zeggen dat ik volledig genezen ben. Structuur is heel belangrijk voor mij, want chaos doet eten. Mijn maaltijden moeten dus heel goed gepland worden. Ik kan opnieuw genieten van een lekker etentje, maar ik moet voortdurend in de gaten houden dat ik niet te veel eet. De impuls om overdadig te eten en in een roes te komen, zit nog steeds in mij. Vorige week was het hier zó druk, dat ik er bijna aan toegegeven had. Bij elke tegenslag zal ik hard moeten vechten om niet te hervallen.”

Deze getuigenis werd eerst gepubliceerd in BOTsing, een bijzonder boeiend blad dat vier maal per jaar verschijnt voor leden van de Gezinsbond met tieners in huis. Zin in BOTsing? Klik hier!

 

Meer weten?

Tags: , ,