Het proces tegen de pubers van vandaag loopt al een tijd. Ze worden verdacht van absolute luiheid. Zouden vreselijk verwend zijn. Respectloos, ongeïnteresseerd en alleen maar met hun smartphone in de weer. Wij weten wel beter. Dit klopt voor geen meter. We nemen een straf team van topadvocaten onder de arm om met vuur onze tieners te verdedigen. In dit artikel aanklacht 2: pubers zijn asociaal en zitten voortdurend op hun gsm.

De advocaten

  • Pedro De Bruyckere: pedagoog en docent aan de Arteveldehogeschool in Gent en auteur van verschillende boeken over onderwijs en opvoeding.
  • Eva Vereecke: directeur van De Ambrassade, de organisatie die jeugd, jeugdwerk, jeugdinformatie én jeugdbeleid op de kaart zet.
  • Joy De Pau: jeugdwerker, stadsmedewerker van OverKop Gent.
  • Jolien Van Hauwermeiren: leerkracht wiskunde en muziek in de eerste en tweede graad secundair onderwijs.
  • Dirk De Wachter: psychiater, psychotherapeut en auteur van verschillende bestsellers.

Aanklacht 2: Pubers zijn asociaal en zitten voortdurend op hun gsm

Eva Vereecke: Ik haal er graag wat cijfers bij om één en ander te duiden. Als je aan ouders zou vragen wat hun tieners het liefst doen in hun vrije tijd, zullen er heel wat antwoorden: ‘Op hun gsm zitten, natuurlijk!’ Maar in een bevraging via onze jongerenapp Waddist geeft maar zes procent van de tieners dat antwoord.

Topantwoorden zijn: ‘afspreken met vrienden’ en ‘hobby en sport’. Jongeren hebben dus wel degelijk nood aan verbinding en aan écht sociaal contact, dat werd
tijdens de lockdown maar al te duidelijk.

LEES OOK > Jelle Jolles over de impact van corona op pubers: ‘We moeten onze jongeren méér geven dan alleen geschiedenis of wiskunde’

‘Asociaal zou ik pubers zeker niet noemen’

Jolien Van Hauwermeiren: Asociaal zou ik pubers zeker niet noemen, ze zitten net op die smartphone omdat ze daar al hun vrienden kunnen spreken.

Toch heb ik met hen te doen, want sociale media spelen ook dikwijls een heel foute rol. Wanneer je vroeger gepest werd op school, stopte het als je naar huis ging. Nu gaat het via de smartphone gewoon verder.

Als tieners me komen vertellen dat ze zich niet goed in hun vel voelen, is er vaak een link naar iets dat ze gezien of gelezen hebben op Instagram of Snapchat.

LEES OOK > 5 vragen over cyberpesten

‘Jongeren zijn soms over-geïnformeerd’

Joy De Pau: Jongeren gebruiken die smartphone niet alleen om te chatten, ze halen er al hun informatie. Dat ze op die manier een ruime blik op de wereld krijgen, is zeker positief.

Maar tegelijk wordt daardoor ook meer van hen verwacht: ‘Ah ja, je vindt het allemaal online, maak van die schoolopdracht dan maar iets bijzonders en creatiefs.’

Een ander nadeel is volgens mij dat jongeren soms wat overgeïnformeerd zijn. Ze zijn zich ervan bewust dat het op veel plaatsen en op veel manieren spaak loopt in de wereld.

Ze lezen hoe moeilijk het loopt op de arbeidsmarkt, hoe hard ze zich moeten bewijzen en hoe weinig kansen er voor sommigen zijn. Zeker bij kwetsbare jongeren komt dit hard binnen, het doet hen twijfelen.

LEES OOK > Privacy bij pubers: hoe ga je daarmee om?

De andere aanklachten uit het puberproces ontdek je hier.

Dit artikel komt uit nummer 90 van ons magazine BOTsing, bedoeld voor ouders van tieners tussen 12 en 17 jaar. Word lid van de Gezinsbond en ontvang BOTSING gratis.

Gepubliceerd op: 05/11/2021, laatste update op: 09/11/2021

Tags: , , , , , , , , ,