Er zijn in Vlaanderen al heel wat stappen gezet in de richting van betaalbaar en zelfs 'gratis' onderwijs. En dat is maar goed ook. Niet voor niets zijn gratis basisonderwijs en toegankelijk 'voortgezet onderwijs' een kinderrecht. Onderwijs blijkt wereldwijd één van de krachtigste instrumenten tegen armoede en uitsluiting, ook in ons land.

In Vlaanderen genieten ouders van kinderen in het basisonderwijs kosteloos onderwijs voor alles wat nodig is om eindtermen en ontwikkelingsdoelen te bereiken. En er is een maximumfactuur voor uitstappen, activiteiten en materiaal.

De schoolfactuur gaat echter veel verder dan boeken, pennen en schoolreisjes. Middagopvang, voor- en naschoolse opvang, en vaak ook warme maaltijden op school zijn een noodzakelijke ‘dienstverlening’ voor de vele ouders die niet om 16 uur samen met hun kinderen huiswaarts kunnen. Een tarifering naar gezinsinkomen is noodzakelijk zodat ook minder kansrijke kinderen van dit aanbod kunnen genieten.

Samen met Test-Aankoop en onze Franstalige zusterorganisatie La Ligue des Familles vraagt de Gezinsbond om het recht op gratis basisonderwijs overal te garanderen.

Maximumfactuur in secundair

In het secundair onderwijs zijn er buiten de studietoelagen helaas geen structurele ingrepen om de onderwijsfactuur te drukken. De facturen van scholen met een gelijkaardig aanbod zijn daardoor soms erg verschillend. Dit beperkt de vrije schoolkeuze voor gezinnen met een laag inkomen.

De Gezinsbond is al lang vragende partij voor een maximumfactuur. We zijn dan ook blij met het initiatief van het Antwerps Provinciaal Onderwijs dat aantoont dat een maximumfactuur in het secundair onderwijs – ondanks alle twijfel – in de praktijk toch realiseerbaar blijkt. Meer nog, niet alleen ouders en leerlingen winnen hierbij, de betrokken scholen hebben minder te maken met onbetaalde facturen.

Groeipakket

Om de opvoedings- en onderwijskosten van kinderen te drukken, heeft de Vlaamse overheid een ‘groeipakket voor gezinnen‘ samengesteld waarin vanaf 2019 de kinderbijslagen en school- en studietoeslagen zijn geïntegreerd. Dat biedt een aantal voordelen zoals de langverwachte automatische toekenning van school- en studietoelagen.

Positief is ook dat de gemiddelde ‘selectieve participatietoeslagen’ voor leerlingen, zoals ze in de nieuwe Vlaamse kinderbijslag worden genoemd, zullen verhogen.

Bedenkingen

Toch hebben wij ook een aantal ernstige bedenkingen bij het voorziene groeipakket. Volgens het plan zullen alle schoolgaande kinderen in het basis- en secundair onderwijs een universele participatiepremie ontvangen in plaats van de huidige schoolpremie. Behalve voor kleuters van 3 tot en met 5 jaar zal die universele premie voor alle kinderen dalen ten opzichte van de huidige schoolpremie.

Bovendien zijn er een aantal voorwaarden verbonden aan de schoolpremie. Kleuters bijvoorbeeld zijn verplicht om voldoende dagen aanwezig te zijn op school. Voor de leerplichtige kinderen volstaat een inschrijving in een erkende onderwijsinstelling. Kinderen die huisonderwijs volgen of naar een niet-erkende lagere of secundaire school gaan, ontvangen niets. In ons land geldt nochtans leerplicht, geen schoolplicht.

Ouders van leerlingen die huisonderwijs volgen, investeren ook veel om hun kinderen kwaliteitsvol onderwijs aan te bieden, en er zijn vandaag –terecht- strenge regels die de gemaakte studievordering controleren.

Ouders kiezen nochtans niet altijd in de eerste plaats voor huisonderwijs of een niet-erkende school. Ze zien gewoon geen alternatief omdat hun kind zich om allerhande redenen (leer- en ontwikkelingsproblemen, hoogbegaafdheid, schoolmoeheid, faalangst…) niet ten volle kan ontwikkelen op een gewone school.

De overheid kan moeilijk schermen met ‘gelijkwaardigheid’ en ‘rechten van alle kinderen’ wanneer deze groep uit de boot valt.

Ook in het hoger onderwijs

In het hoger onderwijs blijft het huidige stelsel van studietoelagen bestaan. Studenten kunnen ook zelfstandig wonen en dan is de integratie met de kinderbijslagen minder aangewezen. De automatische toekenning blijft in het hoger onderwijs dus een werkpunt, net als de hoogte van de toelagen.

Studeren wordt alsmaar duurder, ook voor gezinnen die (net) geen recht hebben op studietoelagen. Vooral gezinnen met meerdere studenten in huis of op kot moeten diep in de buidel tasten.

Het inschrijvingsgeld is verhoogd én vervoers-, leef- en verblijfskosten zijn gestegen. En dan zijn er nog de extra uitgaven voor buitenlandse stages en uitwisselingen. Heel verrijkend en een meerwaarde op je cv, maar niet voor alle studenten vanzelfsprekend.

Niet transparant

De onderwijsfactuur in het hoger onderwijs ligt niet alleen hoog, maar is vaak ook niet transparant. In het leerplichtonderwijs moet de schoolraad met een ouder- en leerlingenvertegenwoordiging de bijdrageregeling goedkeuren, elke gevraagde bijdrage moet gespecificeerd worden. In het hoger onderwijs is er op dat vlak veel minder inspraak, toezicht en duidelijkheid.

Een rapport uit 2016 van het College van regeringscommissarissen wees erop hoe willekeurig de extra studiekosten zijn die hogescholen en universiteiten aanrekenen. Een aantal instellingen voor hoger onderwijs werkt wel met een duidelijke maximumfactuur, een systeem dat overal navolging verdient.

Daarnaast is het belangrijk dat ouders en studenten terechtkunnen bij een onafhankelijke instantie met vragen of klachten over hun factuur. Een soort Commissie Zorgvuldig Bestuur, die nu al in het leerplicht- en volwassenenonderwijs toeziet op de kosten.

Meer volgen via Facebook of door lid van De Gezinsbond te worden.

Gepubliceerd op: 01/09/2016, laatste update op: 22/12/2017

Tags: , , ,