Het is even slikken wanneer je kroost de overstap maakt van het lager naar het secundair onderwijs. Je bent wellicht min of meer voorbereid op hormonenpieken en meer huiswerk, maar niet op een gepeperde schoolrekening die vele malen hoger ligt dan de factuur die je tot nu toe betaalde.

Maximumfactuur in het secundair onderwijs? In het basisonderwijs is er het principe van de kosteloosheid: alles wat kinderen nodig hebben om hun getuigschrift te kunnen halen, is gratis. Voor alle andere kosten is er een maximumfactuur. Dat bedrag varieert dit schooljaar van 45 euro per jaar voor de kleuters, tot 85 euro per jaar voor kinderen in de lagere school.

Voor meerdaagse uitstappen komt daar nog een bedrag van 420 euro voor de hele lagere schooltijd bovenop. Dat is de minder scherpe maximumfactuur. (Lees meer in: ‘De kost van onderwijs’)

Onzekerheid over de factuur

In het secundair onderwijs bestaan deze maatregelen nog niet. Door het ontbreken van een ‘maximumplafond’ staat er geen rem op de factuur, en weten ouders vaak niet waar ze zich aan kunnen verwachten.

Er zijn in het Vlaamse secundair onderwijs grote verschillen in kostprijs tussen verschillende studierichtingen. Kunst- en technische opleidingen zijn over het algemeen duurder dan het aso. Dit heeft vooral te maken met de aankoop van het noodzakelijke leer-,  werk- en beschermmateriaal om technieken aan  te leren.

Daarnaast zijn er ook grote factuurschommelingen tussen scholen met een gelijkaardig studieaanbod. Vooral de boekenfactuur en de kostprijs van (meerdaagse) uitstappen kunnen sterk uiteen lopen.

Strijd tegen kinderarmoede

Steeds meer stemmen gaan op om ook in het secundair onderwijs een  maximumfactuur toe te passen. Dit is ook één van de suggesties van Vlaams Kinderrechtencommissaris Bruno Vanobbergen, in Spelen in zwarte sneeuw, zijn manifest en strijd tegen kinderarmoede.

Nu moeten ouders soms noodgedwongen een school zoeken  verder uit de buurt omdat deze om de hoek te duur is. Of kunnen kinderen niet de gewenste opleiding volgen omwille van de kostprijs aan materiaal. Met andere woorden: zonder maximumfactuur creëer je ongelijke onderwijskansen.

Minder onbetaalde rekeningen

Ook voor de scholen hoeft zo’n maximumfactuur geen slechte zaak zijn. Scholen die er vandaag al spontaan gebruik van maken, krijgen minder te maken  met onbetaalde rekeningen. Ze stellen vast dat ze door meer na te denken over de uitgaven, bewuster  een onderscheid maken tussen need to have en nice to have; met andere woorden: tussen de kernopdrachten en wat daarbuiten valt.

Die keuze hoeft volgens de betrokken scholen niet te leiden tot minder aantrekkelijk onderwijs.  Fietstochten in de nabije omgeving of activiteiten op school kunnen dure busuitstappen vervangen. Bewust omgaan met papier, kopieën en transport heeft bovendien ook positieve gevolgen voor het milieu.

 

Ook de Gezinsbond steunt de maximumfactuur in het secundair onderwijs. De vraag was al opgenomen in ons standpunt over onderwijskosten en we zullen het blijven verdedigen, zoals gisteren in de uitzending van Hautekiet op Radio 1.

Meer weten? Volg ons op Facebook of word één van ons. 

Gepubliceerd op: 08/02/2017, laatste update op: 23/08/2019

Tags: , , , , ,