‘Dure invulboeken en nieuwe handboeken doen de kostprijs van de boekenlijsten van mijn dochters snel oplopen. Behalve twee atlassen en de rekenmachine is er niets wat we kunnen gebruiken van vorig jaar’, getuigt mama Isabelle. Ze legt de vinger op de wonde, want SONO (Steunpunt Onderwijsonderzoek) ontdekte heel wat pijnpunten in zijn studiekostenenquête in de tweede en derde graad secundair onderwijs. 

Isabelle is niet de enige gefrustreerde ouder. Het dure lesmateriaal is een aandachtspunt dat ook uit de studiekostenbevraging van Steunpunt Onderwijsonderzoek kwam. In de schooljaren 2017-2018 en 2018-2019 voerde SONO een dergelijk onderzoek uit bij 83 Vlaamse scholen en 794 ouders.

Die resultaten werden vergeleken met de conclusie van de vorige studiekostenbevraging (2006-2007). Op het eerste gezicht verschillen de kosten niet veel: na indexering zijn de gemiddelde kosten voor de tweede graad licht gedaald, voor de derde graad licht gestegen. Een diepgaande analyse van de resultaten onthult echter heel wat pijnpunten.

LEES OOK > Dringend gevraagd: een lagere schoolfactuur met duurzamer lesmateriaal

Toeslag ontoereikend

Een eerste aandachtspunt is de ontoereikendheid van de schooltoeslag in de derde graad secundair onderwijs. Daar dekt de uitzonderlijke toeslag slechts 74 procent van de studiekosten, terwijl dat voor de tweede graad 98 procent is. SONO raadt dus aan om de schooltoeslag aan te passen aan de werkelijke studiekosten.

Ook vervoerskosten kenden een sterke stijging. Slechts drie op de tien leerlingen verplaatst zich op een relatief kosteloze manier: te voet of met de fiets. Een mogelijke verklaring is de groeiende afstand tussen thuis en school. Meer en meer kinderen gaan met de auto naar school.

De stijgende prijs van het openbaar vervoer is geen aanmoediging: het jaarabonnement van De Lijn, de Buzzypass, verhoogde van 157 euro (2006) naar 204 euro (2017).

Een derde aandachtspunt bewijst dat de digitalisering in het onderwijs voorlopig niet gezorgd heeft voor minder papier. Kopieën, handboeken en drukwerk blijken nog steeds grote uitgaven te zijn.

In meer dan de helft van de scholen moeten ouders nieuwe handboeken aankopen in een verplicht koopsysteem. Ook dure invulboeken zijn populair, maar die kun je door hun eenmalig gebruik per definitie niet doorverkopen.

Een huursysteem of tweedehandsboekenverkoop en het zoveel mogelijk vermijden van dure invulboeken kunnen deel uitmaken van het kostenbeheersend beleid.

LEES OOK > School kan armoede niet oplossen, wel mee voorkomen

Niet mee op schooluitstap

ICT-materiaal vormt ook een groot aandeel van de schoolfactuur. In het secundair onderwijs wordt steeds meer verondersteld dat elke leerling thuis de nodige soft- en hardware nodig heeft om mee te kunnen.

Dat niet elk gezin beschikt over een adequate digitale uitrusting om hun kind(eren) online les te laten volgen, werd snel duidelijk tijdens de eerste lockdown door corona.

Ten slotte vormen ook de meerdaagse schoolreizen een probleem. De kosten van die uitstapjes mogen dan wel gedaald zijn, dat is vooral het gevolg van heel wat kinderen uit kansengroepen die simpelweg niet meer meegaan. Dat die trips vaak plaatsvinden tijdens de schooluren, maakt de situatie nog pijnlijker.

Onbetaalde facturen

Die vele pijnpunten resulteren in een hard feit: alle Vlaamse scholen hebben te kampen met onbetaalde schoolfacturen. Toch was er na het vorige grootschalig onderzoek van SONO in 2006-2007 de wil om het beleid te veranderen.

Het basisonderwijs kreeg een maximumfactuur, het secundair onderwijs deed de belofte om in elke school een structureel kostenbeheersend beleid uit te voeren. Maar amper de helft van de secundaire scholen heeft vandaag een code voor kostenbeheersing opgesteld.

Er bestaan dus nog steeds grote verschillen tussen scholen met gelijkaardige richtingen. Sommige vragen twee tot drie keer zoveel dan andere scholen voor eenzelfde richting, wat resulteert in een scherp contrast tussen duurdere en goedkopere scholen.

LEES OOK > Tips van ouders en scholen om school minder duur te maken

Een dubbele maximumfactuur in het secundair onderwijs

De Gezinsbond pleit daarom voor een dubbele maximumfactuur in het secundair onderwijs: een maximumfactuur voor lesmateriaal en een maximumfactuur voor uitstappen. Maar de ondervraagde directies zijn geen grote voorstander: zo’n 60 procent ziet dat niet zitten.

Toch is gebleken dat een maximumfactuur mogelijk én gunstig is. Scholen die het heft in eigen handen namen en zichzelf vrijwillig een maximumfactuur oplegden, zijn tevreden over de resultaten. Ze denken dieper na over welke boeken nu echt noodzakelijk zijn, wat hun lesmateriaal in één klap ook veel duurzamer maakt.

Hun denkoefeningen worden beloond met een mooi resultaat: scholen met een vrijwillig opgelegde maximumfactuur stellen vast dat ze een pak minder onbetaalde schoolfacturen hebben.

LEES OOK > Getuigenis van school met maximumfactuur: ‘De kost mag de studiekeuze niet beïnvloeden’

Dit artikel verscheen in september 2020 in De Bond, het ledenblad van de Gezinsbond. De Bond kan ook bij jou (gratis!) in de bus vallen. Het enige wat je hoeft te doen, is lid worden. Nieuwtjes en activiteiten van de Gezinsbond meevolgen kan ook via Facebook, Twitter en Instagram.

Gepubliceerd op: 01/09/2020, laatste update op: 03/09/2020

Tags: ,