In de sixties en seventies droegen jongeren wijde broeken met een hippie- of discotwist. In de jaren tachtig waren schoudervullingen het van het, en tien jaar later was je outfit pas compleet met Buffalo’s en een chokerketting erbij. Maar wat moet je vandaag dragen om erbij te horen? Vijf tieners over hun stijl en hun lijf.

De jongedames studeren allemaal Creatie en Mode aan het Scheppersinstituut in Deurne. Het geknipte gezelschap dus om ons een inkijk te geven in hoe tieners over hun stijl en lijf denken. Geven ze veel geld uit aan kleding? Liggen ze wakker van hun figuur? En zijn zij als modestudenten altijd on trend?

Volgen jullie de trends op de voet?

Albena: Ik vind het vooral belangrijk om mijn eigen stijl te hebben. Die is een beetje avant-garde. Veel zwart en vooral blazers. Normaal is mijn haar ook rood, maar de kleur is wat vervaagd tijdens de lockdown. Je kledij zegt veel over je karakter. Daarom steek ik graag mijn persoonlijkheid erin.

Jitse: Ook ik koop vooral wat ik zelf mooi vind. Op dit moment is dat kleur. Hoe meer kleur, hoe beter.

Helen: Mijn kleerkast is ook behoorlijk kleurrijk. Maar hoe ik mij kleed hangt vooral af van mijn stemming. Soms is dat stoer, de andere dag net vrouwelijk.

Theresa: Eerlijk gezegd is mijn stijl eerder casual. Als ik naar school moet, draag ik gewoon een jeans. Ik heb geen zin om ‘s morgens lang voor de spiegel te staan.

LEES OOK > Last met de kledingkeuze van je tiener? Jody Van Geert weet raad

Geef je veel geld uit aan kleren?

Theresa: Ik ga zeker niet elke maand winkelen. Een paar keer per jaar, alleen als ik echt iets nodig heb. Ik vertrek met een vooraf bepaald budget, meestal driehonderd euro of zo.

Jitse: Ga jij zo weinig winkelen? Oei, ik koop normaal elke week wel iets! Aan een broek kan ik veel geld geven. Ik heb lange benen, dus als ik een goede jeans vind van Levis is dat de investering zeker waard. Schoenen mogen ook iets kosten.

Nichakul: Ik shop ook vrij vaak. Altijd online. Maar ik haat terugsturen, dus ik hou alles wat ik bestel. Of ik geef het aan vriendinnen.

Helen: Ik denk dat wij nog wat te jong zijn om kledij te kopen van echte designers. Wel ga ik graag naar winkels zoals COS. De kleren daar zijn ook al iets duurder, maar zolang mijn mama betaalt, moet ik niet te veel op de prijs letten.

Ik heb ook veel kleren uit tweedehandswinkels die maar vijf euro hebben gekost. Dat is een beetje een trend tegenwoordig. Via de app Vinted kan je ook gemakkelijk kledij kopen waar andere mensen van af willen.

Jitse: Ja, recycleren is echt in nu! Ik koop ook veel tweedehands.

Albena: Zeker voor duurdere merken is dat heel handig.

Is de juiste kledij belangrijk om erbij te horen?

Nichakul: Volgens mij speelt dat niet echt een rol. Ik heb alleszins nog nooit meegemaakt dat iemand werd uitgesloten door zijn of haar kleren.

Theresa: Als ik iemand leer kennen, kijk ik helemaal niet naar de kledij. Het is de persoonlijkheid die bepaalt of ik iemand leuk vind.

Albena: Hmm, ik kijk eigenlijk wel naar de kleren. Niet om iemand te beoordelen, zo bedoel ik het niet. Het helpt gewoon om te weten wat voor mensen je voor je hebt. Hebben ze een uniek karakter of doen ze eerder wat iedereen doet?

Jitse: Het hangt volgens mij ook sterk af van je omgeving. Ik ben bijvoorbeeld van Schilde, een vrij rijke gemeente. Op de plaatselijke middelbare school zullen je kleren volgens mij wél een verschil maken. Als je geen dure merken draagt, zal je er minder snel bijhoren.

Helen: Het heeft inderdaad veel te maken met de mensen rondom jou. Bij ons op school, en zeker in onze studierichting, is iedereen heel creatief. We zijn allemaal onze eigen stijl aan het ontwikkelen. Welk merk je draagt of hoe je er precies uitziet maakt dan helemaal niet uit.

Jitse: Inderdaad. Al moet het wel verzorgd blijven. Als iemand erbij loopt als een zwerver, denkt iedereen automatisch ‘oei’.

LEES OOK > Hoe we als ouders praten over ons lichaam beïnvloedt het zelfbeeld van onze kinderen

Heb je zelf ooit opmerkingen gekregen over je stijl?

Jitse: Ja, mijn outfit was blijkbaar te druk. Te veel kleur, te veel prints door elkaar. Maar daar trek ik mij niets van aan hoor.

Nichakul: Ik heb al gehoord dat mijn kledij te onthullend is. Mijn crop topjes te kort, mijn broeken te gescheurd. Maar ik vind dat net mooi.

Theresa: Ik zei daarnet dat ik op school meestal heel basic gekleed ga. Wel, buiten de school is dat helemaal anders. Bij andere gelegenheden doe ik wél moeite om mij op te tutten en kies ik voor chiquere kledij.

Kleedjes, soms hakken, meer make-up. Dan ben ik een totaal andere persoon. Mensen die me alleen van school kennen, geven daar dan altijd een opmerking over.

Albena: Grappig eigenlijk, bij mij is het net het omgekeerde. Ik besteed veel meer aandacht aan mijn uiterlijk wanneer ik naar school moet. Buiten de school doe ik minder moeite, soms ben ik daar gewoon te lui voor. De bakker, die weet hoe ik er écht uitzie! (lacht)

Kreeg je al eens te maken met bodyshaming?

Albena: Ja, door mijn mama! Ze zegt soms dat ik moet afvallen, omdat geen enkele man mij anders zal willen! Erg hé! Maar ja, waarschijnlijk doet ze dat omdat ze vindt dat ik wat gezonder moet eten…

Helen: Ik had het gevoel dat de druk om slank te zijn een beetje passé was. Maar als je in coronatijden je sociale media opendoet, zie je dat iedereen opeens volop aan het sporten is! Dat zorgt toch weer voor extra druk, vind ik.

Theresa: Sociale media hebben ook goede kanten. Denk maar aan influencers: vroeger keken jonge meisjes vooral op naar modellen, die allemaal supermager zijn. Sommigen kregen anorexia omdat ze er ook zo wilden uitzien!

De influencers van vandaag zijn veel authentieker. Het zijn echte mensen, met een echt lichaam. De ene wat dunner en de andere wat dikker. Zo heeft iedereen iemand om zich aan te spiegelen.

LEES OOK > Jitske Van de Veire: ‘Ik heb me jarenlang geschaamd voor mijn lichaam’

Nichakul: Dat denk ik ook. Influencers kunnen ervoor zorgen dat je een positiever beeld krijgt van jezelf.

Jitse: Het klopt dat veel modellen mager zijn. Maar dat komt vaak doordat zij gewoon zo gebouwd zijn. Ik vind dat we daar niet te negatief over mogen doen, want dat is ook een vorm van bodyshaming. Je moet toch niet worden afgestraft omdat je geen vrouwelijk figuur hebt?

Albena: Dat is waar. Je figuur is van jou, niemand zou mogen zeggen ‘jij bent te dik’ of ‘jij bent te dun’. Maar net daarom zouden er modellen in alle vormen en maten moeten zijn, zodat je je kan spiegelen aan iemand met dezelfde lichaamsbouw als jij.

Jitse: Ik denk dat dat in de praktijk niet evident is. Nu wordt vaak gekozen voor magere modellen omdat ontwerpers hun kledij in één maat maken. Als je modellen met verschillende kledingmaten hebt, moet je als ontwerper al je kleren in alle verschillende maten hebben.

Albena: Als je een breed publiek wil aanspreken, moet je er toch voor zorgen dat je kledij er goed uitziet in elke maat en ook beschikbaar is in elke maat? Eigenlijk moeten wij daar als toekomstige ontwerpers rekening mee houden en er echt werk van maken. Wij kunnen mee helpen bepalen hoe jonge meisjes zichzelf zien!

Dit artikel komt uit nummer 85 van ons magazine BOTsing, bedoeld voor ouders van tieners tussen 12 en 17 jaar. Word lid van de Gezinsbond en ontvang BOTSING gratis. Volg de Gezinsbond ook op Facebook, Twitter en Instagram om op de hoogte te blijven van nieuwtjes en activiteiten.

Gepubliceerd op: 12/08/2020

Tags: , , ,